Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 3.1.3

Omgeving en ondergrond

Onderdeel van Beleidsregels: Algemene eisen, richtlijnen en plaatsingsprocedure inzamelmiddelen en –voorzieningen Drechterland 2024

Bij het bepalen van locaties wordt, wanneer van toepassing, de ondergrond onderzocht op de aanwezigheid van obstakels. Belangrijkste voorbeeld hiervan is de aanwezigheid van kabels, leidingen en wortels. Het omleggen van kabels en leidingen - zo al technisch mogelijk en wenselijk - is over het algemeen een zeer kostbare aangelegenheid en wordt zoveel mogelijk vermeden. Er wordt tevens rekening gehouden met de afstand tussen de inzamelvoorzieningen en gevels. Ook wordt rekening gehouden met de situering van containers ten opzichte van speelplaatsen, parkeervakken e.d. Ondergrondse containers worden bijvoorbeeld in beginsel niet direct naast een speelplaats geplaatst. Containers nabij parkeervakken worden, vanwege het straatbeeld, in beginsel in lijn met de parkeervakken geplaatst. LIOR Voor de inrichting van de openbare ruimte hanteert de gemeente de Leidraad inrichting openbare ruimte. Hierin zijn richtlijnen opgesteld voor o.a. de bereikbaarheid en plaatsing van afvalvoorzieningen. Deze zijn meegenomen in de richtlijnen.

Rechtspraak bij dit artikel