Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 2.1

Toepassingsbereik aangevraagde beschikkingen

Onderdeel van Beleidsregels toepassing Wet Bibob gemeente Borne 2024

1.. Voordat er besloten wordt op een aanvraag tot het geven van een beschikking, veelal vergunning, zal het bestuursorgaan dat tot die beslissing bevoegd is, een (pre)Bibob-onderzoek uitvoeren. Uitvoering van dit onderzoek geldt, voor zover de aanvraag ziet op een beschikking als bedoeld in: artikel 3 van de Alcoholwet (alcoholvergunning, met uitzondering van slijterijbedrijven); aanvraag van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de Kansspelen (speelautomatenvergunning); artikel 5.1 en verder van de Omgevingswet voor: een bouwactiviteit, een omgevingsplanactiviteit, een milieubelastende activiteit, ingeval: de (toekomstige) gebruiksfunctie van het bouwwerk binnen één of meer van de in artikel 1.2 genoemde risicocategorieën valt, of de betrokkene in relatie staat met één of meer van de in artikel 1.2 genoemde risicocategorieën, of de ambtelijke vastgestelde bouwkosten € 500.000,- exclusief BTW of meer bedraagt; er aanwijzingen of vermoedens zijn dat de financiering geheel of gedeeltelijk plaatsvindt of zal plaatsvinden via crowdfunding, sponsoring of giften; ingevolge artikel 2.25, tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht de omgevingsvergunning zal gaan gelden voor een ander dan de aanvrager of vergunninghouder; artikel 2:25, eerste lid, van de APV Borne (evenementenvergunning) voor zover het een vechtsportevenement of evenement met risicoprofiel C betreft; artikel 3:4, eerste lid, van de APV Borne (vergunning seksbedrijf); artikel 5:18, eerste lid van de APV Borne (standplaatsvergunning); het toekomstige artikel 2:28 in de APV (exploitatievergunning). 2.. Uitvoering van het eigen onderzoek kan bij overige aanvragen om een beschikking, wanneer deze aanvragen niet genoemd zijn in deze beleidsregels, plaatsvinden als uit: ambtelijke informatie en/of informatie afkomstig van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC en/of wanneer er vanuit het Landelijk Bureau Bibob informatie dan wel vanuit het OM informatie als bedoel in artikel 26 van de Wet Bibob wordt verstrekt, waarin duidelijke aanwijzingen zijn die het vermoeden rechtvaardigen, dat ten aanzien van de betrokkene(n) en/ of derden als bedoeld in artikel 3, vierde lid, van de Wet Bibob, mogelijk sprake is van een ernstige dan wel mindere mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de Wet Bibob. 3.. Tevens dient een eigen onderzoek plaats te vinden als bij navraag (artikel 11a van de Wet Bibob) door de gemeente Borne bij het Landelijk Bureau Bibob blijkt dat tegen de aanvrager van een beschikking, in de afgelopen vijf jaar advies is uitgebracht of een adviesaanvraag in behandeling is genomen bij het Landelijk Bureau Bibob. 4.. Bij een aanvraag van een betrokkene voor een vergunning kan voor wat betreft het Bibob-onderzoek worden volstaan met een beperkt onderzoek naar (ongewijzigde) feiten en omstandigheden en een verdere verwijzing naar een reeds eerder uitgevoerd onderzoek ten aanzien van een eerdere vergunning, als aan alle volgende voorwaarden is voldaan: het betreft dezelfde betrokkene; de aanvraag betreft een zelfde soort vergunning; de aanvraag is ingediend binnen twee jaar na het Bibob-onderzoek naar een eerdere vergunning; uit het Bibob-onderzoek bij de eerdere vergunning zijn geen gronden voor weigering, buiten behandeling stellen, intrekken of het opleggen van voorschriften naar voren gekomen; de voor een Bibob-onderzoek relevante feiten en omstandigheden zijn ongewijzigd ten opzichte van het eerdere Bibob-onderzoek. Relevante feiten en omstandigheden zijn in ieder geval: de bedrijfsstructuur; de financiering; zakelijke partners/Bibob-relaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid van de wet; een andere locatie of inrichting ten opzichte van de eerdere horecavergunning verleend op grond van de Alcoholwet. er zijn geen aanwijzingen voor of vermoedens van gevaar of aanwijzingen voor of vermoedens van feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 2.1, lid 2. 5.. In aanvulling op lid 4 geldt dat ook een beperkt onderzoek kan worden gedaan indien het gaat om: het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a van de Alcoholwet; het wijzigen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de Kansspelen. 6.. In afwijking van lid 4, onder c, geldt voor aanvragen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de Kansspelen, een termijn van 6 jaar. 7.. Uitvoering van het eigen Bibob-onderzoek blijft in beginsel achterwege (behalve als daartoe aanleiding bestaat) in het geval een aanvraag afkomstig is van (semi-)overheidsinstanties of woning(bouw)corporaties (die op grond van de Woningwet zijn aangewezen als toegelaten instellingen voor de volkshuisvesting).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel