In deze regeling wordt, tenzij daar in één van de hoofdstukken nadrukkelijk van wordt afgeweken, verstaan onder:
ASA2023: de Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2023;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam;
de-minimisverordening: Verordening (EU) nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PB EU L 352 van 24.12. 2013), met inbegrip van eventueel in de toekomst vast te stellen wijzigingen;
kinderboerderij: een locatie opengesteld voor een zo breed mogelijk publiek met een boerderijfunctie als ontmoetingsplek die past bij het dier en gericht op activiteiten uit de natuureducatie, op sociaal-maatschappelijk gebied en recreatieve beleving. Daarbij zijn dieren cruciaal bij het kennismaken met de levende natuur, het ervaren van de natuur en de verbinding daarmee;
kinderboerderijdieren: dieren die aan te merken zijn als landbouwdieren en dieren die over het algemeen geschikt worden geacht als gezelschapsdier waarbij de kinderboerderijen het voorbeeld geven hoe deze dieren te houden;
onderneming: onderneming als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de de-minimisverordening, uitgezonderd woningcorporaties;
positief dierenwelzijn: het borgen van een hoge mate van materiele en immateriële tevredenheid bij kinderboerderijdieren, op een manier die strookt met de volgende zes leidende principes, zoals deze zijn omschreven door de Raad Voor Dierenaangelegenheden in haar op 18 november 2011 aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aangeboden Zienswijze Dierwaardige Veehouderij.
Artikel 1
Definities
Onderdeel van Subsidieregeling positief dierenwelzijn Amsterdamse kinderboerderijen