De houder levert uiterlijk voor 1 juni 2026 een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in bij het college. Deze aanvraag tot vaststelling bevat:
Een overzicht van de houder met daarin het aantal afgenomen uren per werkelijk bezette peuterplaats (van de doelgroepen zoals genoemd in artikel 6), het gehanteerde uurtarief en de totaal in rekening gebrachte ouderbijdragen.
Een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht.
Voor subsidies van € 50.000,- en hoger dient de eindrapportage voorzien te zijn van een controleverklaring van de accountant.
Voor de verstrekte subsidies geldt dat het college bij houder nadere gegevens kan opvragen om de rechtmatigheid van de besteding van de subsidie conform de opgelegde voorwaarden te controleren. Daartoe is de houder verplicht het college desgewenst inzage te geven in diens administratie betreffende onder meer:
Inkomensverklaringen;
Verklaringen geen recht op kinderopvangtoeslag van ouders;
Plaatsingsovereenkomst peuter waaruit aantal uren, soort peuterplaats, ouderbijdrage en start- en (verwachte) einddatum blijken;
VVE-indicaties, afgegeven door de jeugdgezondheidszorg (JGZ) of de kinderopvangorganisatie
Artikel 14
Verantwoording subsidie
Onderdeel van Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente Woensdrecht 2025