In de volgende gevallen wordt advies gevraagd aan het LBB:
er is informatie verkregen van de officier van justitie, een ander bestuursorgaan of een rechtspersoon met een publieke taak (artikel 26 van de Wet Bibob);
er is informatie verkregen van het LBB (artikel 11 van de Wet Bibob);
er is informatie verkregen van een RIEC-partner;
er blijven vragen bestaan over:
de integriteit van de betrokkene en eventueel de zakelijke relaties;
de organisatiestructuur, bedrijfsstructuur of de financiering;
(andere) omstandigheden die doen vermoeden dat sprake is van misbruik of sprake is dat voor het verkrijgen van de aangevraagde of verleende vergunning een strafbaar feit is gepleegd.
er is informatie verkregen uit een gelieerd onderzoek.
Het college of de burgemeester informeert de betrokkene schriftelijk over een adviesaanvraag aan het LBB (artikel 32 van de Wet Bibob). Vanwege de adviesaanvraag bij het LBB wordt de beslistermijn die geldt op basis van de Awb of die van de van toepassing zijnde regelgeving opgeschort (artikel 31 van de Wet Bibob).
De adviesaanvraag bij het LBB is geen besluit in de zin van de Awb. Hiertegen staat dan ook geen bezwaar of beroep open. Wel is het voor de betrokkene altijd mogelijk om de aanvraag om een vergunning in te trekken.