**1..** Het is verboden een fiets, bromfiets of gehandicaptenvoertuig te parkeren als daardoor:
op de weg de doorgang wordt gehinderd of belemmerd;
de veiligheid of de doorstroming van of het uitzicht voor het verkeer wordt belemmerd;
schade ontstaat of
voor een bewoner of gebruiker van het gebouw waartegen of waarvoor de fiets, bromfiets of het gehandicaptenvoertuig staat geparkeerd, de doorgang of het uitzicht wordt belemmerd.
**2..** Het is verboden:
een fiets of bromfiets te parkeren in door het college daarvoor aangewezen gebieden, langer dan een door het college te bepalen periode;
fietsen of bromfietsen die rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud en in een kennelijke verwaarloosde toestand verkeren, op of aan de weg te laten staan.
**3..** Het college kan in het belang van de veiligheid en ter voorkoming van hinder een gebied aanwijzen waarin fietsen of bromfietsen uitsluitend in een daarvoor bestemde voorziening mogen worden geparkeerd.
**4..** Het is verboden een fiets of een bromfiets in een gebied als bedoeld in het derde lid buiten een voor parkeren bestemde voorziening te plaatsen.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 4.27