Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 2.7

Openlijk gebruik en handel

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2008

1.. Het is verboden op of aan de weg of op andere voor publiek toegankelijke plaatsen harddrugs openlijk voorhanden te hebben, deze te gebruiken of voor dat gebruik één of meer voorwerpen of stoffen openlijk voorhanden te hebben. 2.. Het is verboden zich op of aan de weg op te houden als aannemelijk is dat dit gebeurt om middelen als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar, dan wel slaapmiddelen, kalmeringsmiddelen of stimulerende middelen of daarop gelijkende waar, te kopen of te koop aan te bieden. 3.. Het is verboden op of aan de weg of op andere voor publiek toegankelijke plaatsen lachgas te gebruiken, voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen bij zich te hebben. 4. . Het is verboden op of aan de weg of op andere voor publiek toegankelijke plaatsen gelegen in het gebied dat is aangewezen in bijlage 1 bij deze verordening middelen als bedoeld in artikel 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken. 5. . Van het verbod in lid 4 zijn uitgezonderd horecabedrijven die tevens beschikken over een gedoogverklaring van de burgemeester voor de verkoop van softdrugs.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel