Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 4.7

Plakken en kladden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2008

1.. Het is verboden op een openbare plaats of zaak die vanaf die plaats zichtbaar is zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende daarop: een geschrift, afbeelding of aanduiding aan te brengen of projecteren of; met kalk, krijt, teer, een kleur- of verfstof of op andere wijze een afbeelding, letter, cijfer of teken aan te brengen. 2. . Het verbod geldt niet als gehandeld wordt krachtens wettelijk voorschrift. 3. . De houder van de schriftelijke toestemming moet deze op eerste vordering van een toezichthouder of opsporingsambtenaar tonen. 4. . Het college wijst aanplakobjecten aan voor het aanbrengen van meningsuitingen die geen reclame zijn. 5. . Het college kan voor het gebruik van de aangewezen aanplakobjecten nadere regels stellen die geen betrekking hebben op de inhoud van de meningsuiting.

Rechtspraak bij dit artikel