Bij elke ruimtelijke ontwikkeling wordt in een vroeg stadium een globale haalbaarheidsanalyse gemaakt. Naarmate de plannen verder worden gedetailleerd, wordt ook de raming van grof naar fijn uitgewerkt. Ten slotte wordt er een grondexploitatie opgesteld die de basis vormt voor de kredietaanvraag, tevens het uitvoeringskrediet van de projectleider. In principe komen alle voorbereidingskosten vanaf de voorbereidingsfase ten laste van de grondexploitatie. Wettelijk is bepaald in hoeverre deze kosten in geval van particuliere grondexploitatie via een overeenkomst of kostenverhaalsregels in het omgevingsplan kunnen worden verhaald.
De quick-scan wordt door het college vastgesteld en het voorbereidingskrediet wordt ook beschikbaar gesteld. In deze fase wordt de raad door het college geïnformeerd. De financiële verkenning zal deel uitmaken van het moment "go or no-go" en zal aan het college worden voorgelegd. De definitieve grondexploitatie heeft de functie van drager voor de kredietbehoefte. De raad stelt deze grondexploitatie vast en stelt op basis van de raming het krediet beschikbaar.
Bij ruimtelijke ontwikkelingen die in fasen worden uitgevoerd, bijvoorbeeld omdat een deel van het gebied beschikbaar is en de rest pas later kan worden verworven, wordt ook een (globale) raming voor het totale gebied gemaakt.