Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 4

Vereisten vergunning, instemming en melding.

Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI) gemeente Tilburg

1.. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning of instemmingsbesluit van het college, of zonder melding zoals bedoeld in lid 4 en lid 5 van dit artikel, werkzaamheden uit te voeren. 2.. Voor het aanvragen van een vergunning, instemmingsbesluit of doen van een melding, dient gebruik te worden gemaakt van daartoe door het college vastgestelde (digitale) formulieren en/of registratiesysteem. 3.. Indien voor de voorgenomen werkzaamheden tevens (privaatrechtelijke) toestemming nodig is van een andere eigenaar van of rechthebbende op openbare gronden dan de gemeente, dient bij de aanvraag het bewijs van verkregen toestemming te worden overlegd. 4.. Voor het verrichten van werkzaamheden van niet ingrijpende aard, als bedoeld in artikel 1 sub s, is geen vergunning of instemmingsbesluit noodzakelijk, als bedoeld in lid 1, maar kan worden volstaan met een digitale melding via het registratiesysteem die aan het college minimaal twee werkdagen voorafgaande aan de werkzaamheden. 5.. Spoedeisende werkzaamheden, als bedoeld in artikel 1 sub p, dienen vóór aanvang van de werkzaamheden gemeld te worden. Als een melding vooraf niet mogelijk is, moet de melding uiterlijk binnen één werkdag na de start van de uitvoering gemotiveerd worden gedaan aan het college. Indien achteraf blijkt dat de uitgevoerde werkzaamheden vergunning- of instemming plichtig zijn, dient er alsnog een vergunning of instemmingsbesluit aangevraagd te worden. Voor wat betreft kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk geldt dat ingeval van spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van ernstige belemmering of storing van de communicatie in de zin van artikel 5.6 lid 2 van de Telecommunicatiewet de aanbieder, voorafgaand aan de start van de werkzaamheden kan volstaan met een melding aan de gedoogplichtige. Als de werkzaamheden worden verricht in openbare gronden doet de aanbieder tevens een melding bij de burgemeester of een door hem of haar daartoe gemachtigd ambtenaar. 6. . Het in het eerste lid opgenomen verbod is niet van toepassing op werkzaamheden van de gemeente bij het uitvoeren van haar publiekrechtelijke taak o.a. het aanleggen, onderhouden e.d. van riolering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel