**1..** Geen woonvoorziening wordt verstrekt:
als inwoner niet zijn hoofdverblijf heeft of niet zal hebben in de woning waaraan de voorziening wordt getroffen;
voor zover de beperkingen voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen of de slechte of achterstallige staat van het onderhoud;
als de voorziening slechts strekt tot renovatie van de woning of om deze in overeenstemming te brengen met de eisen die redelijkerwijs aan de woning mogen worden gesteld;
als de voorziening in het geval van nieuwbouw of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kan worden;
ten behoeve van hotels/pensions, trekkerswoonwagens, tweede woningen, niet gelegaliseerde vakantie- en recreatiewoningen, zogenaamde ADL-clusterwoningen en gehuurde kamers, met uitzondering van een voorziening voor verhuizing en inrichting;
voor zover het voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten of woonruimten betreft, anders dan automatische deuropeners, hellingbanen, het verbreden van gemeenschappelijke toegangsdeuren, het aanbrengen van drempelhulpen of vlonders of het aanbrengen van een opstelplaats bij de toegangsdeur van de gemeenschappelijke ruimte;
indien de noodzaak het gevolg is van een verhuizing waarvoor geen aanleiding bestaat op grond van beperkingen bij de zelfredzaamheid of participatie en er geen belangrijke reden voor verhuizing aanwezig is;
indien de inwoner niet is verhuisd naar de voor zijn beperkingen op dat moment meest geschikte woning, tenzij er voorafgaand aan de verhuizing schriftelijk toestemming is verleend door het college;
indien deze betrekking heeft op een doelgroepen woongebouw. Dat is een woongebouw dat specifiek gericht is op mensen met beperkingen of dat in de praktijk bewoond wordt door een specifieke groep inwoners (zoals 55 plussers) en waarvan vast staat dat de voorziening niet voldoet aan de voor een dergelijke woning op grond van wettelijke voorschriften, algemeen aanvaarde regels of contractuele bepalingen geldende vereisten en waarvan is aangetoond dat de aangevraagde voorziening bij wel voldoen aan die vereisten niet nodig is.
**2..** Indien een woonvoorziening ter compensatie van de beperkingen bij het normale gebruik van de woning en/of bij het zich verplaatsen in de woning is geïndiceerd, kan het college het primaat van verhuizen toepassen, tenzij de noodzakelijke aanpassings- en verhuiskosten lager zijn dan € 4.000,-.
**3..** Indien de aanpassings- en verhuiskosten hoger zijn dan het in lid 2 genoemde bedrag kan de inwoner er voor kiezen niet te verhuizen, maar de woning met inzet van eigen middelen aan te passen. Hij ontvangt dan een tegemoetkoming ter hoogte van maximaal het in lid 2 genoemde bedrag. Dit op voorwaarde dat hiermee een adequate aanpassing in de huidige woning wordt gerealiseerd conform een door het college opgesteld programma van eisen.
**4..** De normale of technische afschrijvingstermijn als bedoeld in artikel 9 lid 1 sub e bedraagt zeven jaar voor hulpmiddelen en tien jaar voor trapliften.
Artikel 10
Begrenzing van het recht op een maatwerkvoorziening voor wonen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Zevenaar 2024