**1..** In deze beleidsregels wordt verstaan onder
De wet: de Participatiewet;
Bijstand: algemene en bijzondere bijstand volgens de wet;
Algemene bijstand: de bijstand ter voorziening in de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan;
Bijzondere bijstand: de bijstand, bedoeld in artikel 35 van de wet en de individuele inkomenstoeslag, bedoeld in artikel 36 van de wet;
Belanghebbende: de persoon op wie een krediethypotheek van toepassing is;
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Land van Cuijk;
Krediethypotheek (hierna ook aangeduid als hypotheek): een op registergoederen te vestigen recht tot meerdere zekerheid voor de nakoming van rente- en aflossingsverplichtingen (artikel 48 lid 3 en artikel 50 Participatiewet en artikel 3:227 BW).
Pandrecht: een op niet-registergoederen te vestigen recht tot meerdere zekerheid voor de nakoming van rente- en aflossingsverplichtingen (artikel 48 lid 3 en artikel 50 Participatiewet en artikel 3:227 BW).
Woning: het woonhuis, woonschip of de woonwagen welke door belanghebbende en, indien van toepassing, zijn gezin wordt bewoond en waarvan hij eigenaar is;
**2..** Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Algemene Wet Bestuursrecht, het Burgerlijk Wetboek en Participatiewet.
**3..** De regels die in deze beleidsregels zijn opgenomen over het vestigen van een krediethypotheek, worden op vergelijkbare wijze toegepast ten aanzien van het vestigen van een pandrecht.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.
Begripsbepaling
Onderdeel van Beleidsregels Krediethypotheek Participatiewet Land van Cuijk 2024