**1.** De nabestaande van een wethouder of van een gewezen dan wel
van een gepensioneerde wethouder heeft recht op
nabestaandenpensioen.
**2.** Geen recht op nabestaandenpensioen bestaat indien het
huwelijk was gesloten nadat het aftreden van de echtgenoot
was ingegaan, tenzij:
de echtgenoot ten tijde van het sluiten van het
huwelijk recht had op uitkering ter zake van zijn
aftreden als wethouder, of
de echtgenoten reeds voor het aftreden met elkaar
gehuwd waren geweest dan wel de nabestaande door de
echtgenoot aangemeld was geweest en mits het
huwelijk was gesloten voordat deze de 65-jarige
leeftijd had bereikt.
**3.** Voor de toepassing van het vorige lid wordt het aftreden
geacht niet te hebben plaatsgevonden, indien zonder
wezenlijke onderbreking een politiek ambt als bedoeld in de
Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers is aanvaard. Een
onderbreking van ten hoogste twee maanden wordt als
niet-wezenlijk aangemerkt.
**4.** Voor de toepassing van het vorige lid wordt het aftreden
geacht niet te hebben plaatsgevonden, indien zonder
wezenlijke onderbreking een politiek ambt als bedoeld in de
Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers is aanvaard. Een
onderbreking van ten hoogste twee maanden wordt als
niet-wezenlijk aangemerkt.
Afdeling II › Hoofdstuk III › Paragraaf 1
Artikel 24
Artikel 24
Onderdeel van Uitkerings- en pensioenverordening wethouders