Naar hoofdinhoud
1.. De vertegenwoordigers van een deelnemende gemeente brengen tezamen één stem uit, ongeacht het aantal aanwezige vertegenwoordigers. 2.. Besluiten worden in unanimiteit genomen. 3.. De vergadering van het algemeen bestuur wordt niet geopend voordat meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden tegenwoordig is. Besluiten kunnen alleen worden genomen in een vergadering, waarin elk van de deelnemende gemeente wordt vertegenwoordigd. 4.. Indien een deelnemende gemeente in een vergadering niet is vertegenwoordigd, roept de voorzitter een nieuwe vergadering bijeen waarin beide deelnemende gemeenten vertegenwoordigd zijn en onder opgave van de te behandelen onderwerpen. In die vergadering kunnen met inachtneming van het bepaalde in artikel 11, tweede lid besluiten worden genomen, ongeacht of aan het bepaalde in artikel 11, derde lid is voldaan, met dien verstande dat elk van de deelnemende gemeente dient te zijn vertegenwoordigd. 5.. In afwijking van het voorgaande kan besluitvorming door het algemeen bestuur buiten vergadering plaatsvinden, tenzij de aard van het te nemen besluit zich daartegen verzet, mits op basis van een voorstel van de voorzitter en mits alle leden van het algemeen bestuur zonder voorbehoud met het voorstel hebben ingestemd. Van die instemming moet blijken uit een schriftelijk stuk waarin het voorstel is opgenomen en waarop elk lid van het algemeen bestuur schriftelijk zijn akkoord heeft gegeven. Onder schriftelijk wordt tevens verstaan elk via gangbare communicatiekanalen overgebracht en op schrift reproduceerbaar bericht, waaronder begrepen berichten per fax en per e-mail. 6.. Een besluit als bedoeld in lid 5 wordt geacht tot stand te zijn gekomen op het tijdstip waarop alle leden van het algemeen bestuur met het voorstel hebben ingestemd, blijkens de schriftelijk betuigde instemming. Dit tijdstip wordt door of in opdracht van de voorzitter op het in lid 5 bedoelde stuk vermeld. 7.. Van een besluit dat op de in de leden 5 en 6 beschreven wijze tot stand gekomen is, wordt op de eerstvolgende vergadering mededeling gedaan. 8.. Een besluit komt niet buiten vergadering tot stand als een lid van het algemeen bestuur te kennen heeft gegeven niet met het voorstel in te stemmen of te wensen dat het desbetreffende voorstel in een vergadering wordt behandeld. 9.. Er is, behoudens het bepaalde in artikel van 25 van de regeling alsmede afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht indien aan de orde, op voorhand geen sprake van besluiten waarover de raden van de deelnemende gemeenten ingevolge artikel 10 leden 5 en 6 van de wet een zienswijze naar voren kunnen brengen voorafgaand aan het nemen van het besluit. 10.. Inzake de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid is geen sprake van betrokkenheid als bedoeld in de artikel 10 leden 7 en 8 van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel