Naar hoofdinhoud

Artikel 22.

Onacceptabel gedrag tijdens het aangepast vervoer en ontzegging aangepast vervoer

Onderdeel van Beleidsregel bekostiging leerlingenvervoer gemeente Beesel 2024

Ouders zijn verantwoordelijk voor het gedrag van hun kinderen. Dit staat ook in de gedragsregels die ouders krijgen bij de toekenning van een vervoersvoorziening. Het college kan een leerling aan wie een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer is verstrekt, tijdelijk of voor de rest van het schooljaar de toegang tot het vervoer ontzeggen wanneer bij herhaling is gebleken dat de leerling door agressief gedrag of anderszins (niet opvolgen gedragsregels leerling en/of ouders) de orde in de taxi verstoort of de veiligheid van de inzittenden in de taxi in gevaar brengt. Voordat tot ontzegging wordt overgegaan, worden de volgende stappen ondernomen: Wanneer er sprake is van meerdere of aanhoudende klachten, dan maakt de vervoerder dit eerst bespreekbaar met de ouders. Vervolgens maakt de vervoerder melding van de klachten bij de gemeente Beesel. Wanneer de klachten aanhouden, bespreekt de vervoerder dit met de gemeente Beesel en volgt er een gesprek met de ouder van de leerling, de vervoerder en de gemeente Beesel. Na het gesprek bepaalt het college of er een officiële waarschuwing wordt gegeven. Een officiële waarschuwing geldt voor 3 maanden vanaf de datum van verstrekking en wordt schriftelijk afgegeven. Wanneer er in die 3 maanden verwijtbaar gedrag aanhoudt, volgt er opnieuw een gesprek met de ouders van de leerling, de vervoerder en de gemeente Beesel. Dit gesprek geldt als een zienswijzegesprek. Daarna bepaalt het college of de leerling een tweede waarschuwing krijgt en tevens kan voor de duur van maximaal 4 weken de beschikking tot toekenning van leerlingenvervoer worden opgeschort. Vanaf het moment van de melding en het gesprek kan de toegang tot het vervoer door het college tijdelijk worden stopgezet. Wanneer na hervatting van het aangepast vervoer de klachten en verwijtbaar gedrag aanhouden kan de leerling worden uitgesloten van het vervoer tot het einde van het schooljaar. De vervoersvoorziening wordt dan ingetrokken. Indien de vervoersvoorziening wordt opgeschort of wordt ingetrokken, zijn de ouders zelf verantwoordelijk voor het vervoer van en naar school. Ouders kunnen dan nog in aanmerking komen voor een vergoeding. Wanneer ouders na de intrekking opnieuw gebruik willen maken van een vervoersvoorziening moeten zij hiervoor een nieuwe aanvraag indienen. Wanneer er sprake is van onaanvaardbaar wangedrag door de leerling gedurende het verblijf in het aangepast vervoer; of het vervoeren van de leerling leidt tot een onveilige situatie in het aangepast vervoer, kan het college een besluit als bedoeld in de verordening intrekken.

Rechtspraak bij dit artikel