**1..** Een verlaging wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan zoals bedoeld in artikel 18, lid 2 van de wet, anders dan het niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid als bedoeld in artikel 18, lid 4, sub a van de wet, wordt vastgesteld op 20% van de bijstandsnorm gedurende de periode dat de belanghebbende zonder algemene bijstand had gekund, met een minimumduur van 1 maand en met een maximumduur van 3 jaar, danwel op 100% van het theoretisch te verstrekken bedrag aan bijzondere bijstand.
**2..** Onder tekortschietend besef van verantwoordelijkheid wordt in ieder geval gerekend:
het verwijtbaar verlies van inkomen uit een dienstbetrekking voorafgaand aan de melding voor een uitkering op grond van de wet;
het verwijtbaar verlies van inkomen anders dan door beëindiging van het dienstverband;
het te snel interen, danwel buiten het zicht overhevelen van vermogen;
het geen gebruik maken, danwel het door eigen toedoen geen gebruik kunnen maken van voorliggende voorzieningen, waaronder sociale zekerheidsuitkeringen.
Hoofdstuk 3.
Artikel 6
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van Afstemmings- en fraudeverordening Participatiewet en IOAW gemeente Tytsjerksteradiel 2016