Naar hoofdinhoud
1. . Na afloop van de eerste wettelijke benoemingstermijn kunnen de leden van de rekenkamer eenmaal voor een periode van zes jaar worden herbenoemd. 2. . De raad besluit op een voordracht van de auditcommissie ten minste zes maanden voor afloop van de benoemingsperiode over het al dan niet herbenoemen van een lid. 3. . De auditcommissie overlegt met de rekeningkamer over een voordracht tot benoeming of herbenoeming van een lid. 4. . De auditcommissie doet bij de voordracht voor benoeming van leden een verklaring van het kandidaat-lid met een overzicht van de openbare functies en nevenfuncties die het kandidaat-lid bekleedt.

Rechtspraak bij dit artikel