Naar hoofdinhoud

Artikel 2

– Intrekking bij uitblijven activiteiten

Onderdeel van Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning Noordenveld 2024

Op grond van het bepaalde in artikel 5.40 lid 2 onder b van de Ow is het college bevoegd een verleende omgevingsvergunning in te trekken als gedurende een jaar of een in de vergunning bepaalde langere termijn geen activiteiten zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning; Indien zich relevante wijzigingen in wet- en regelgeving of beleid voordoen, wordt na het verstrijken van een periode van 1 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning van de bevoegdheid tot intrekking van de vergunning gebruik gemaakt tenzij in de omgevingsvergunning een langere termijn is gegund; Indien zich geen relevante wijzigingen in wet- en regelgeving of beleid voordoen, wordt zo spoedig mogelijk na het verstrijken van een periode van 2 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning van de bevoegdheid tot intrekking van de vergunning gebruik gemaakt tenzij in de omgevingsvergunning een langere termijn is gegund. Bij de voorbereiding van een besluit tot intrekking van de omgevingsvergunning is het bepaalde in de artikelen 4 en 5 van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel