Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Uitzonderingen

Onderdeel van Verordening op het referendum

Een referendum kan niet worden gehouden over: over individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen, schorsingen, kwijtscheldingen, schenkingen en besluiten over rechtspositionele regelingen alsmede beslissingen met betrekking tot geldelijke voorzieningen voor ambtsdragers en hun nabestaanden; over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de rekening en over de gemeentelijke belastingen en tarieven; kwesties inzake bezwaar-en beroepsprocedures en het voeren van rechtsgedingen; besluiten inhoudende het voor kennisgeving aannemen van nota’s en rapporten; kwesties over de toepassing van deze verordening; besluiten ter uitvoering van een besluit van het rijk of de provincie waarbij de raad geen beleidsvrijheid heeft; besluiten waarvan de inwerkingtreding of uitvoering niet kan worden uitgesteld vanwege de daarmee gemoeide spoedeisende gemeentelijke belangen; kwesties waarover naar het oordeel van de raad eerder een referendum is gehouden of kon worden gehouden; besluiten als bedoeld in artikel 158, eerste lid van de Gemeentewet; besluiten als bedoeld in artikel 1, eerste en derde lid, artikel 51, eerste en derde lid, artikel 61, eerste en derde lid, artikel 73, eerste en derde lid en artikel 96 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel