Een referendum kan niet worden gehouden over:
over individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen,
schorsingen, kwijtscheldingen, schenkingen en besluiten over
rechtspositionele regelingen alsmede beslissingen met betrekking tot
geldelijke voorzieningen voor ambtsdragers en hun nabestaanden;
over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de rekening
en over de gemeentelijke belastingen en tarieven;
kwesties inzake bezwaar-en beroepsprocedures en het voeren van
rechtsgedingen;
besluiten inhoudende het voor kennisgeving aannemen van nota’s en
rapporten;
kwesties over de toepassing van deze verordening;
besluiten ter uitvoering van een besluit van het rijk of de
provincie waarbij de raad geen beleidsvrijheid heeft;
besluiten waarvan de inwerkingtreding of uitvoering niet kan worden
uitgesteld vanwege de daarmee gemoeide spoedeisende gemeentelijke
belangen;
kwesties waarover naar het oordeel van de raad eerder een referendum
is gehouden of kon worden gehouden;
besluiten als bedoeld in artikel 158, eerste lid van de Gemeentewet;
besluiten als bedoeld in artikel 1, eerste en derde lid, artikel 51, eerste en derde lid, artikel 61, eerste en derde lid, artikel 73, eerste en derde lid en artikel 96 van de Wet gemeenschappelijke
regelingen.