Naar hoofdinhoud
1. Subsidieontvanger verstrekt jaarlijks voor 1 april de verantwoording over het voorafgaande jaar. Uit de verantwoording blijkt dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de subsidie verbonden verplichtingen. Daarbij geeft subsidieontvanger inzicht in: a. Kwantitatieve gegevens: bereik, aantallen, contactmomenten, tevredenheid, e.d. b. Kwalitatieve gegevens: maatschappelijke effecten en samenwerking. c. Financiële gegevens: de besteding van de Subsidie. 2. Bij de verantwoording wordt door het college getoetst of de inkomsten van bestuurders voldoen aan de Wet Normering Topinkomens (WNT)-norm. Dit wordt opgenomen in de verantwoording (artikel 11 lid 1). 3. De verleende subsidiebedragen dienen zichtbaar te zijn opgenomen in de jaarrekening. 4. De verantwoording wordt ondertekend door het bestuur en die van deelsubsidies I, III, IV, en V ook door een accountant.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel