Op 1 januari 2024 is de nieuwe Omgevingswet in werking getreden. Het bundelt tientallen bestaande wetten en honderden regels in één nieuwe wet. De wettelijke verplichting van een gemeentelijk rioleringsplan is met de komst van de omgevingswet vervallen. Elementen hiervan kunnen opgaan in de Omgevingsvisie (lange termijn doelen en ambities), Omgevingsprogramma’s (zelfbindende maatregelen) en het Omgevingsplan (regels voor inwoners en ondernemers).
In Bergeijk kiezen we ervoor om toch een nieuw VGRP op te stellen. Het is immers een effectief planinstrument om de rioleringszorg te borgen en activiteiten af te stemmen. Om dit gaande te houden, hanteren we een geldigheidsduur van vijf jaar: 2025 tot en met 2029. De riolering ligt echter veel langer onder de grond. Om deze reden is dit plan opgesteld met een doorkijk over de gehele gebruiksduur van de riolering. De rioolheffing en de lange termijn doelstellingen zijn (mede) gebaseerd op deze doorkijk. De beleidslijnen in dit GRP zijn kader stellend voor ontwikkelingen.
Hoewel het VGRP onder de nieuwe Omgevingswet geen wettelijke verplichting meer is hebben we er wel voor gekozen om dit te actualiseren. Het huidige VGRP heeft ons immers goed geholpen met het uitzetten en vasthouden aan een doelmatige koers. Samen met de andere beheer- en beleidsplannen vormt dit VGRP het beleids- en beheerkader voor werkzaamheden in de openbare ruimte.
Formeel dient onder de Omgevingswet dit plan alleen aan het college van Burgemeester en Wethouders te worden voorgelegd. In verband met de ontwikkeling van de rioolheffing en de formatie hebben we ervoor gekozen om de gemeenteraad toch mee te nemen in het gehele traject, zodat de raad op de hoogte is van ontwikkelingen en een inhoudelijke onderbouwing heeft voor de ontwikkeling van de rioolheffing.