Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 8

Uitoefening bevoegdheden

Onderdeel van Verordening Commissie Bezwaar Gemeente Stein 2025

1.. De hierna bedoelde bevoegdheden ingevolge de Algemene wet bestuursrecht worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: het verlangen van een schriftelijke machtiging van een gemachtigde (art. 2:1 Awb); het in de gelegenheid stellen een geconstateerd verzuim met betrekking tot ingediende bezwaarschriften te herstellen binnen een daartoe aan de bezwaarmaker te stellen termijn (art. 6:5 en art. 6:6 Awb); de verzending van het verweerschrift en/of andere stukken naar de gemachtigde van bezwaarmaker tijdens de behandeling door de commissie (art. 6:17 Awb); het uitnodigen voor een hoorzitting alsmede het ter inzage leggen van de op de zaak betrekking hebbende stukken (art. 7:4 Awb); het opleggen van geheimhouding om gewichtige redenen op het -gedeelte van een - verslag van een hoorzitting waarbij belanghebbenden afzonderlijk zijn gehoord (art. 7:6 Awb). 2.. De voorzitter kan deze bevoegdheden mandateren aan de secretaris.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel