**1..** Het college kan een persoon van 27 jaar of ouder van wie de kans op inschakeling in het arbeidsproces gering is en die vooralsnog niet bemiddelbaar is naar regulier werk een Participatieplaats aanbieden overeenkomstig artikel 10a van de wet. De persoon verricht op arbeidsinschakeling gerichte werkzaamheden die bijdragen aan het versterken van de toekomstige kansen van de persoon op de arbeidsmarkt.
**2..** Het college legt de afspraken over de invulling van de participatieplaats vast in een overeenkomst die wordt ondertekend door het college, de werkgever die de participatieplaats aanbiedt en de persoon die de additionele werkzaamheden gaat verrichten.
In de overeenkomst wordt in ieder geval vastgelegd:
doel van de participatieplaats;
beschrijving van de taken en de tijden van aanwezigheid;
afspraken over begeleiding bij de uitvoering van de werkzaamheden;
afspraken over de monitoring van de voortgang en de evaluatiemomenten;
beoogde ontwikkelstappen tijdens de duur van de participatieplaats;
noodzakelijke inzet van ondersteunende voorzieningen; én
afspraken over aanvullende vergoedingen voor extra kosten van de persoon.
**3..** De premie, bedoeld in artikel 10a, zesde lid, van de wet bedraagt 25% per jaar van het bedrag genoemd in artikel 31, tweede lid, onder j, van de wet. De premie wordt per 6 maanden uitbetaald, mits in de voorgaande periode voldoende is meegewerkt aan het vergroten van de kans op inschakeling in het arbeidsproces.
HOOFDSTUK 3A
Artikel 3.7
Participatieplaats
Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ Oirschot 2024