Actief grondbeleid: de situatie waarbij de gemeente zelf grond in haar bezit heeft en zelf, op basis van een geopende gemeentelijke grondexploitatie, de gronden bouwrijp maakt, bouwrijpe kavels uitgeeft en tot slot het gebied woonrijp maakt.
Actualisatie: een gemeentelijke grondexploitatie met nieuwe kaders die ten opzichte van de eerder vastgestelde grondexploitatie opnieuw bestuurlijk moet worden vastgesteld.
Algemeen belangbesluit: een raadsbesluit, overeenkomstig artikel 25h Mededingingswet, om vast te stellen dat een activiteit in het algemeen belang plaatsvindt, wat impliceert dat de gedragsregels van de Wet markt en overheid niet van toepassing zijn.
Algemene reserve grondzaken: algemene reserve waarin de resultaten worden verevend van de gemeentelijke grondexploitaties, de voorbereidende gemeentelijke en faciliterende grondexploitaties, de faciliterende grondexploitaties en de strategische gronden. Deze reserve maakt onderdeel uit van de algemene reserves van de gemeente.
Anterieure overeenkomst: een privaatrechtelijke overeenkomst die wordt gesloten tussen de gemeente en (in beginsel) de grondeigenaar/grondeigenaren voordat een juridisch-planologische maatregel wordt vastgesteld en waarin het kostenverhaal verzekerd is. De overeenkomst is vorm vrij. De term is afkomstig uit de Omgevingswet (artikel 13.13, eerste lid).
Bouwgrond in exploitatie (BIE): die gronden in eigendom van de gemeente, waarvoor door de gemeenteraad een gemeentelijke grondexploitatie(complex) met een grondexploitatiebegroting is vastgesteld. Vanaf het moment van vaststelling is de BIE geopend en kunnen kosten worden geactiveerd en bijgeschreven op de voorraadpositie bij onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie) op de balans.
Conjuncturele risico’s: macro-economische risico’s voor de gehele portefeuille en gaan in zijn algemeenheid over de verwachtingen ten aanzien van markt- en conjunctuurinvloeden, waardoor prijzen en afzetmogelijkheden over de gehele linie kunnen veranderen ten opzichte van de planning.
Faciliterende grondexploitatie: project, waarbij de grondpositie geheel of grotendeels in handen is van een ontwikkelaar. De gemeente maakt kosten ter realisatie van de ontwikkeling en brengt deze bij de ontwikkelaar in rekening bij voorkeur via een anterieure overeenkomst.
Faciliterend grondbeleid: de situatie waarbij de gemeente zelf geen grond in haar bezit heeft en niet zelf de grondexploitatie voert, dit gebeurt door een private ontwikkelaar. De gemeente stelt de kaders. De kosten die de gemeente maakt, worden in dit geval verhaald op de private ontwikkelende partij.
Gemeentelijke grondexploitatie of grondexploitatiecomplex: een ruimtelijk plan, voorzien van een financiële onderbouwing die door de raad is vastgesteld. De financiële onderbouwing van een grondexploitatie bestaat ten minste uit een grondexploitatiebegroting waarbij de kosten en opbrengsten gefaseerd zijn in tijd.
De raad stelt bij het openen van een grondexploitatie een VTA-budget en een Uitvoeringsbudget vast voor de te maken kosten voor de gehele looptijd van de grondexploitatie.
Grondprijzennota: de interne beleidsnota waarin uitgifteprijzen of rekenregels om te komen tot uitgifteprijzen van bouwrijpe gronden per functie zijn vastgelegd.
Grondzaken: hiertoe behoren:
Openen, beheren en afsluiten van gemeentelijke grondexploitaties;
Openen, beheren en afsluiten van faciliterende grondexploitaties;
Beheren van de Algemene reserve grondzaken;
Formuleren, evalueren en actualiseren van grondbeleid.
In het kader van gemeentelijke grondexploitaties behoren hiertoe aanvullend:
Aankoop, (tijdelijk) beheer en verkoop van onroerende zaken;
Uitgifte van zakelijke rechten;
Onderhandelen met betrekking tot onroerende zaken.
Haalbaarheidsfase: de fase, zoals opgenomen in de interne procesbeschrijving ‘kapstok voor projecten in het fysieke domein’ en vastgesteld door de directie per 27 september 2022, waarin ruimtelijke verkenningen worden gedaan om de haalbaarheid van het project te bepalen. De haalbaarheidsfase volgt na de wenselijkheidsfase en wordt gevolgd door de kaderstellende fase.
Herziening: een gemeentelijke grondexploitatie die binnen de kaders blijft van de eerder vastgestelde grondexploitatie waardoor er geen actualisatie nodig is. Herziening van een grondexploitatie vindt halfjaarlijks plaats bij het (t)MPG en betreft een update van de boekwaarde, ramingen, fasering, parameters, resultaat en de kansen en risico’s.
Initiatievenbudget: een jaarlijks beschikbaar budget waaruit het college budget beschikbaar kan stellen ter dekking van de kosten om de eerste haalbaarheid van een gemeentelijk initiatief of initiatief van derden te bepalen tijdens de haalbaarheidsfase. Op het moment dat het een initiatief van derden betreft, wordt er voor het onderzoeken van de eerste haalbaarheid getracht om zo snel mogelijk een intentieovereenkomst te sluiten met de initiatiefnemer met onder andere kostenverhaal voor de werkzaamheden in deze fase.
Intentieovereenkomst: een overeenkomst die wordt gesloten tussen de gemeente en (in beginsel) een grondeigenaar/grondeigenaren waarin de intentie wordt uitgesproken om gezamenlijk de haalbaarheid van een plan te onderzoeken tijdens de haalbaarheidsfase en/of de kaderstellende fase.
Kader gronduitgifte: een interne beleidsnota waarin de uitgangspunten zijn vastgelegd waarbinnen de grondprijzen tot stand komen en onder welke voorwaarden (waaronder mandaat) grondtransacties plaatsvinden.
Kaderstellende fase: de fase, zoals opgenomen in de interne procesbeschrijving ‘kapstok voor projecten in het fysieke domein’ en vastgesteld door de directie per 27 september 2022, waarin ruimtelijke en financiële kaders worden vastgelegd van het project. De kaderstellende fase volgt na de haalbaarheidsfase en wordt gevolgd door de uitvoeringsfase nadat de raad een besluit heeft genomen over de uitvoeringskaders.
Kader strategisch grondbeleid: in dit beleidskader worden de instrumenten en kaders van grondbeleid beschreven.
Meerjarenperspectief grondzaken (MPG): rapportage waarin het college inzicht verschaft aan de raad in de stand van zaken van de gemeentelijke grondexploitaties, de kansen en risico’s in deze grondexploitaties, voorbereidende grondexploitaties, faciliterende grondexploitaties en strategische gronden, en als gevolg daarvan het resultaat van de Algemene reserve grondzaken met de stand van de gegevens per 1 januari. Daarnaast wordt inzicht gegeven in de stand van de reserve Ruimtelijke Investeringen Haarlemmermeer (RIH).
Netto contante waarde (NCW): het resultaat van alle kasstromen die op verschillende tijdstippen plaatsvinden, teruggerekend naar dezelfde datum. Dit maakt het mogelijk om te beoordelen of de opbrengsten op termijn voldoende zullen zijn om de daarvoor benodigde uitgaven te dekken en waardoor de verschillende projecten op basis van het mogelijke resultaat vergelijkbaar zijn.
Omgevingsvisie: document waarin het bevoegde bestuursorgaan voor haar grondgebied de hoofdlijnen van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling aangeeft. De Omgevingsvisie Haarlemmermeer 2040 is vastgesteld op 3 maart 2022 (2021.0003036).
Omgevingswet: zoals in werking getreden op 1 januari 2024. De Omgevingswet gaat over activiteiten die gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving
Omvangrijkere projecten: ruimtelijke projecten groter dan circa 30 woningen of projecten die afhankelijk van de complexiteit al dan niet binnen de gemeente Haarlemmermeer als omvangrijk worden beoordeeld.
Onroerende zaken: de onroerende zaken die zijn aangekocht ten behoeve van of met het oog op ruimtelijke ontwikkelingen. Niet onder voornoemd begrip vallen de onroerende zaken ten behoeve van de gemeentelijke taken.
Planning & Control-cyclus (P&C-cyclus): de jaarlijks terugkerend cyclus van het opstellen en vaststellen van programmabegroting, voorjaarsrapportage, najaarsrapportage en jaarstukken.
Programma: de functies die de ruimtelijke ontwikkeling beoogt te realiseren. Om het programma mogelijk te maken wordt bouwrijpe grond uitgegeven ten behoeve van een bijvoorbeeld woningbouw, kantoren, bedrijventerreinen, overige commerciële voorzieningen, maatschappelijke voorzieningen. Het programma wordt vastgesteld met de vaststelling van het referentiekader.
Projectdefinitie: een (globale) beschrijving van wat naar verwachting ruimtelijk gerealiseerd gaat worden door de verdere uitwerking van een initiatief voor ruimtelijke ontwikkeling. De projectdefinitie is onderdeel van het voorstel aan de raad tot het verstrekken van een voorbereidingskrediet voor een voorbereidende gemeentelijke grondexploitatie of een voorbereidingsbudget voor een voorbereidende faciliterende grondexploitatie.
Projectspecifieke risico’s: specifieke risico’s voor individuele gemeentelijke ruimtelijke ontwikkelingsprojecten (grondexploitaties), zoals beroepsprocedures, onverwachte bodemvervuiling, tegenvallende aanbestedingsresultaten etc. Het gaat hierbij uitdrukkelijk niet om risico’s ten aanzien van (macro) ontwikkelingen voor de totale gemeente.
Referentiekader: een beschrijving van de hoofdlijnen van de ruimtelijke inrichting van het plan, met uitwerkingen/schetsen van de hoofdstructuur voor wegen-, water- en groenvoorzieningen en de stedenbouwkundige opzet en programma. De gemeentelijke grondexploitatie toont de financiële consequenties van het referentiekader.
Reserve Ruimtelijke Investeringen Haarlemmermeer (reserve RIH): bestemmingsreserve waarin de financiële bijdragen als bedoeld in de Omgevingswet worden gestort om te worden ingezet voor de in de vastgestelde omgevingsvisie aangegeven doelen. Over de stand van de reserve RIH wordt gerapporteerd in het MPG. Uit de reserve RIH worden, door de raad vastgestelde, uitgaven gedaan ten behoeve van realisatie van supra bovenwijkse voorzieningen.
Restplan: In het geval het afsluiten van een omvangrijke gemeentelijke grondexploitatie onevenredig lang zou gaan duren vanwege een langlopende resterende activiteit, die van beperkte waarde is voor de gemeentelijke grondexploitatie als geheel, wordt de grondexploitatie afgesloten en een restplan aangemaakt. De resterende beschikbaar gestelde budgetten uit de grondexploitatie worden overgeheveld naar het restplan en de resterende werkzaamheden worden afgerond in het restplan.
Strategische gronden: gronden die de gemeente verwerft om hiermee een betere sturing op (toekomstige) gebiedsontwikkeling te hebben.
Tussentijds meerjarenperspectief grondzaken (tMPG): rapportage waarin het college inzicht verschaft in de stand van zaken van de gemeentelijke grondexploitaties, de kansen en risico’s in deze grondexploitaties, voorbereidende grondexploitaties en faciliterende grondexploitaties met de stand van de gegevens per 1 juli. Het tMPG geeft, in tegenstelling tot het MPG, geen inzicht in de Algemene reserve grondzaken, de stand van de strategische gronden en de reserve RIH.
Uitvoeringsbudget: een door de raad vastgesteld budget bij een gemeentelijke of faciliterende grondexploitatie voor de te maken uitvoeringskosten.
Uitvoeringskosten: zijn alle kosten, uitgezonderd de VTA-kosten, die gemaakt worden op het gebied van verwerving, fysieke maatregelen en bijkomende kosten om het plan te kunnen ontwikkelen. Onder de uitvoeringskosten vallen onder andere de kosten voor de verwerving, het bouw- en woonrijp maken en eventuele bijdragen en belastingen.
Verordening Grondzaken: onderhavige verordening waarin onder andere wordt ingegaan op de verantwoordingsrapportages gemeentelijke grondexploitaties, de beleidsnota’s grondzaken, de richtlijnen inzake de gemeentelijke grondexploitaties en faciliterende grondexploitaties en de werkwijze inzake de verevening tussen de Algemene reserve grondzaken en de Algemene dekkingsreserve.
Voorbereidende gemeentelijke grondexploitatie: het proces tijdens de kaderstellende fase met als einddoel een voorstel tot openen van een gemeentelijke grondexploitatie(complex) door de raad. Tijdens een voorbereidende grondexploitatie worden voornamelijk kosten gemaakt voor VTA.
Voorbereidende faciliterende grondexploitatie: het proces tijdens de kaderstellende fase met als einddoel een anterieure overeenkomst en voorstel tot openen van een faciliterende grondexploitatie door de raad. Tijdens een voorbereidende faciliterende grondexploitatie worden voornamelijk kosten gemaakt voor VTA.
Voorbereidingsbudget: een door de raad verstrekt budget bij een voorbereidende faciliterende grondexploitatie voor de te maken kosten voor VTA tijdens de kaderstellende fase.
Voorbereidingskrediet: een door de raad verstrekt krediet bij een voorbereidende gemeentelijke grondexploitatie voor de te maken kosten VTA tijdens de kaderstellende fase.
Voorziening negatieve resultaten gemeentelijke grondexploitaties: voorziening ter dekking van het resultaat van geopende gemeentelijke grondexploitaties met een negatief plansaldo.
Voorziening overige ruimtelijke projecten: voorziening opgesplitst in twee voorzieningen:
voorziening overige ruimtelijke projecten (voorbereidende gemeentelijke grondexploitaties) ter dekking van (een deel van) de voorbereidingskosten bij gemeentelijke grondexploitaties waarbij een risico wordt voorzien dat deze die niet verhaalbaar zijn;
voorziening overige ruimtelijke projecten (faciliterende grondexploitaties) ter dekking van (een deel van) de gemeentelijke (voorbereidings)kosten in het kader van faciliterende grondexploitatie waarbij een risico wordt voorzien dat deze niet verhaalbaar zijn.
VTA-budget: een door de raad verstrekt budget bij een gemeentelijke of faciliterende grondexploitatie voor de te maken kosten voor VTA.
VTA(-kosten): zijn de apparaatskosten en advieskosten om het plan te kunnen ontwikkelen en uitvoeren, de kosten voor voorbereiding, toezicht en administratie.
(Tussentijdse) Winstneming: op basis van het realisatiebeginsel dient bij gemeentelijke grondexploitaties in de situatie dat voldoende zekerheid bestaat over de tussentijdse winstneming, de winst te worden genomen.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening Grondzaken gemeente Haarlemmermeer 2024