Naar hoofdinhoud
In deze beleidsregels wordt verstaan onder: Wet: de Participatiewet. Belanghebbende: de persoon die of het gezin dat in aanmerking wenst te komen voor bijzondere bijstand zoals bedoeld in artikel 4 van de wet. Bijzondere bijstand: bijstand als bedoeld in artikel 35 van de Participatiewet. Inkomen: het inkomen zoals bedoeld in de artikelen 31 tot en met 33 van de Participatiewet. Inkomensgrens: netto inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. Bij het bepalen van de hoogte wordt geen rekening gehouden met de kostendelersnorm. Inkomensgrens alleenstaande ouders: 90% van de bijstandsnorm voor gehuwden. Norm: de toepasselijke bijstandsnorm zoals bedoeld in artikel 20, 21,22,22a,23 en 24 van de Participatiewet. Middelen: de middelen conform artikel 31 van de wet. Vermogen: het vermogen volgens artikel 34 lid 1 sub a en b van de wet tenzij expliciet anders wordt aangegeven. Vermogensgrens: het zogenaamde ‘vrij te laten vermogen’ genoemd in artikel 34 lid 3 van de wet. Het vermogen hierboven dient door de aanvrager voor 100% te worden aangewend voor het doen van de uitgave. Draagkracht: het gedeelte van het inkomen en/of vermogen dat aangewend dient te worden voor financiering van de bijzondere kosten. Draagkrachtruimte: het netto inkomen exclusief vakantietoeslag, verminderd met 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en het vermogen boven het vrij te laten vermogen zoals benoemd in artikel 34 lid 3 van de wet. Draagkrachtperiode: De periode waarover de draagkracht van een belanghebbende wordt vastgesteld. Nibudnormen: het Nederlands instituut budgettering (Nibud) geeft inzicht in gemiddelde kosten van een huishouden. Hierbij worden jaarlijks normbedragen bepaald voor diverse typen huishoudens van alleenwonende tot meerpersoonshuishoudens en samenwonenden. Bijstand om niet: bijstand die in principe niet terugbetaald hoeft te worden. Leenbijstand: bijstand die terugbetaald dient te worden. Periodieke bijzondere bijstand: bijzondere bijstand als er sprake is van dezelfde, terugkerende kosten. Incidentele bijzondere bijstand: bijzondere bijstand als er sprake is van eenmalige kosten. Medische kosten: noodzakelijk te maken kosten welke vallen binnen de reikwijdte van de kostensoorten waarover de Zorgverzekeringswet (hierna Zvw) of de Wet langdurige zorg (Wlz) zich uitspreekt. Voorliggende voorziening: elke voorziening zoals bedoeld in artikel 15 van de Participatiewet, waarop de belanghebbende aanspraak kan maken dan wel een beroep kan doen ter verwerving van middelen of ter bekostiging van specifieke uitgaven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel