**1..** Het inkomen boven de 120 % van de toepasselijke bijstandsnorm dient volledig aangewend te worden voor de betaling van de kosten waarvoor bijzondere bijstand is aangevraagd.
**2..** Voor de vaststelling van de draagkrachtruimte vanuit inkomen wordt het netto inkomen (exclusief vakantietoeslag) verminderd met 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm (exclusief vakantietoeslag).
**3..** Voor de draagkrachtbepaling wordt uitgegaan van het gehele in aanmerking te nemen inkomen zoals geregeld in artikel 31 van de Participatiewet.
**4..** Bij een vast inkomen kan worden uitgegaan van het inkomen per datum aanvraag.
**5..** Bij een wisselend inkomen moet worden uitgegaan van het gemiddelde inkomen over de drie maanden voorafgaand aan de maand waarin de aanvraag is ingediend.
**6..** Bij de vaststelling van het inkomen wordt uitgegaan van de som van het netto inkomen vermeerderd met eventuele alimentatie en de alleenstaande ouderkop regeling.
**7..** Middelen genoemd in artikel 31 lid 2 Participatiewet worden vrijgelaten, buiten de in lid 6 van deze beleidsregels genoemde middelen.
**8..** Bij beslag op inkomen wordt bij het bepalen van de draagkracht uitgegaan van het daadwerkelijk ontvangen inkomen.
**9..** Bij zelfstandigen wordt de draagkracht uit inkomen bepaald op basis van de jaarrekening van het jaar voorafgaand aan de aanvraag inclusief eventuele overige inkomsten.
Artikel 7:
Draagkracht uit inkomen
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Participatiewet 2025 Geldrop-Mierlo