Een monobron mag in het plangebied De Hoef West uitsluitend worden aangelegd:
in een gebied aangeduid als ‘koude zone’, waarbij het bovenste filter van de betreffende monobron de koude bron moet zijn en de bovenzijde van het onderste filter op een diepte van minimaal 120 m-mv wordt geplaatst, of
in een gebied aangeduid als ‘warme zone’, waarbij het bovenste filter van de betreffende monobron de warme bron moet zijn en de bovenzijde van het onderste filter op een diepte van minimaal 120 m-mv wordt geplaatst, of
tussen een warme zone en een koude zone, waarbij moet worden aangetoond dat de betreffende monobron geen negatief effect heeft op aanwezige en mogelijke toekomstige doubletten die voldoen aan artikel 6.
HOOFDSTUK 2
Artikel 7.