Uitgangspunten
• Voor elk initiatief dient initiatiefnemer een verlichtingsplan in ter goedkeuring. Bestaande en nieuwe bomen toevoegen aan het verlichtingsplan.
• Rekening houden met Beleid Donker & Licht.
• Lichtmasten plaatsen volgens tekening in de bijlage 2.
• Locatie is bepalend voor keuze mast en armatuur.
Onderwerp
E
R
AC
WB
RX
Materiaal
Thermisch verzinkte, ongelakte masten gebruiken van 3,5 meter lichtpunthoogte met paaltop armatuur of masten met lichtpunthoogte 6 meter met uithouder van 75 cm en koffer armatuur.
E
A
Onderlinge afstand circa 25 meter.
E
A
Lichtmasten niet plaatsen voor en nabij inritten.
E
A
Lichtkleur 3000 kelvin.
E
A
Woonstraten 1600 lumen als richtlijn.
E
A
Doorgaande routes 2150 lumen als richtlijn.
E
A
Armaturen standaard kleur grijs.
E
A
Armaturen voorzien van C5 coating.
E
A
Lichtmasten cilindrisch verjongd (volgens bijlage 2) .
E
A
Lichtmasten voorzien van mastluik t.b.v. fagetkast Stedin.
E
A
Hoofdstuk 4
Artikel 4.6
Openbare verlichting
Onderdeel van Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR)