Artikel 4.1 Subsidiebedragen peuteropvang
De subsidie peuteropvang zoals bedoeld in artikel 3.2 is inkomensafhankelijk en beschikbaar voor maximaal 320 uur per jaar per peuter, verdeeld over minimaal 2 dagdelen per week.
De subsidiebijdrage per uur wordt toegekend volgens de tabel in het Tarievenblad.
De hoogte van de subsidiebijdragen per uur in het Tarievenblad worden jaarlijks aangepast aan de hand van de VNG Adviestabel ouderbijdrage peuteropvang, waarbij de eerste inkomenscategorie wordt aangepast naar 120% sociaal minimum.
Artikel 4.2 Subsidiebedragen voorschoolse educatie
Doelgroeppeuters van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag:
Ontvangen de subsidie zoals bedoeld in artikel 4.1 lid 1 (1e en 2e dagdeel);
Ontvangen daarnaast subsidie voor maximaal 320 uur per jaar extra (3e en 4e dagdeel), verdeeld over minimaal 2 dagdelen per week. Voor deze 320 uur per jaar wordt de maximum subsidiebijdrage uit de tabel in het Tarievenblad vergoed.
Doelgroeppeuters van ouders die wel recht hebben op kinderopvangtoeslag:
Ontvangen subsidie voor maximaal 320 uur per jaar (3e en 4e dagdeel), verdeeld over minimaal 2 dagdelen per week. Voor deze 320 uur per jaar wordt de maximum subsidiebijdrage uit de tabel in het Tarievenblad vergoed.
Voor de overige 320 uur per jaar (1e en 2e dagdeel) kan de ouder kinderopvangtoeslag aanvragen.
Artikel 4.3 Subsidiebedragen kwaliteitssubsidie voorschoolse educatie
Ieder jaar stelt de gemeente een kwaliteitssubsidie per doelgroeppeuter vast. De hoogte van de kwaliteitssubsidie per doelgroeppeuter op de kinderopvangvoorziening is maximaal het bedrag dat in het Tarievenblad staat.
Het aantal doelgroeppeuters voor het betreffende subsidiejaar wordt bepaald door het aantal doelgroeppeuters op 1 oktober van het voorgaande jaar. In overleg met de gemeente en met goede onderbouwing kan hiervan worden afgeweken.
De hoogte van de kwaliteitssubsidie per doelgroeppeuter zoals vermeld in lid 1 wordt jaarlijks geïndexeerd met het percentage waarmee het maximumuurtarief van de kinderopvangtoeslag stijgt.
Bij een aanvraag van de kwaliteitssubsidie door een nieuwe aanbieder van voorschoolse educatie wordt de hoogte van de subsidie in dat jaar berekend naar rato van het aantal maanden dat voorschoolse educatie wordt aangeboden. Het aantal doelgroeppeuters wordt gebaseerd op een reële aanname en wordt in overleg met de gemeente bepaald.
Hoofdstuk 2
Artikel 4
Subsidiebedragen
Onderdeel van Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie Hillegom 2025