Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.2.

Lijst met gevallen – delegatie aan het college

Onderdeel van Notitie adviesrecht, verplichte participatie en delegatiebesluit 2024 Westervoort

De gemeenteraad delegeert op basis van artikel 2.8 van de Omgevingswet de bevoegdheid tot het vaststellen van een wijziging van het omgevingsplan aan het college van burgemeester en wethouder voor de volgende gevallen: Toelichting Voor wijzigingen van technische aard. Dit betreft wijzigingen die plaats moeten vinden als gevolg van nieuwe software of digitale standaarden. Voor wijzigingen die noodzakelijk zijn vanwege gewijzigde hogere wet- en regelgeving, voor zover hier geen beleidsvrijheid meer is toegekend. Dit betreft wet- of regelgeving, vanuit hogere overheden dat is vastgesteld en wat moet worden opgenomen in het omgevingsplan. Voor wijzigingen in de toelichting van het omgevingsplan. Hier gaat het om grammaticale en tekstuele wijzigingen die geen wezenlijke invloed op de fysieke leefomgeving tot gevolg hebben. Voor het inpassen van omgevingsvergunningen die al dan niet in afwijking van het omgevingsplan zijn verleend (ex. artikel 4.17 Ow). De Omgevingswet bepaalt dat vergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (al dan niet na het adviesrecht van de raad) binnen vijf jaar moeten worden verwerkt in het omgevingsplan. Dit is een administratieve handeling. Datzelfde geldt voor het verwerken van omgevingsvergunningen die niet in strijd zijn met het omgevingsplan. Voor het inpassen van vastgestelde beleidsregels van raad of college in het omgevingsplan. Wanneer de gemeenteraad of het college beleidsregels heeft vastgesteld die moeten worden opgenomen in het omgevingsplan, kan dit door het college worden gedaan. Het gaat immers om het inpassen van beleid waar al sprake is geweest van een inhoudelijke afweging door de raad of het college. Voor het aanpassen van het omgevingsplan voor zover dat onder de Wet ruimtelijke ordening als wijzigingsbevoegdheid in een bestemmingsplan opgenomen was. Onder de voormalige Wet ruimtelijke ordening kon het college een bestemmingsplan wijzigen om een nieuwe ontwikkeling mogelijk te maken, als er een wijzigingsbevoegdheid in het bestemmingsplan staat. De Omgevingswet kent deze wijzigingsbevoegdheid niet. Het college kan na inwerkingtreding van de Omgevingswet dus geen wijzigingsplan meer vaststellen, tenzij de raad deze bevoegdheid delegeert. Voor het nemen van een voorbereidingsbesluit (ex. Artikel 4.14 Ow). Het voorbereidingsbesluit is een besluit dat tijdelijk ontwikkelingen inperkt die op grond van de geldende regels in een omgevingsplan mogelijk zijn, maar bijvoorbeeld op grond van (nieuwe) inzichten niet wenselijk zijn of niet passen in een omgevingsplan dat in voorbereiding is. Omdat de voorbereiding van een raadsbesluit enige tijd duurt, zou in de tussentijd alsnog iemand de onwenselijke mogelijkheid die het omgevingsplan biedt, kunnen gebruiken. Om sneller onwenselijke regels tijdelijk buiten werking te kunnen stellen, kan dit worden gedelegeerd. Het toevoegen en/of wijzigen van begripsbepalingen voor zover dit naar verwachting geen wezenlijke wijzigingen voor de fysieke leefomgeving tot gevolg heeft. Hierbij gaat het om de begripsbepalingen die worden gehanteerd in het omgevingsplan. Met de begripsbepalingen wordt omschreven wat men in het omgevingsplan verstaat onder bepaalde begrippen. De begripsbepalingen mag slechts gewijzigd worden, of een begripsbepaling mag slechts toegevoegd worden, wanneer deze wijziging of toevoeging naar verwachting geen of slechts minimale gevolgen heeft voor de fysieke leefomgeving. Het aanwijzen, wijzigen en schrappen van gemeentelijke monumenten. (Gemeentelijke) monumenten moeten in het omgevingsplan zijn aangewezen. Het aanwijzen, wijzigen en schrappen kan gedurende de overgangsperiode nog gebeuren op grond van de Verordening fysieke leefomgeving. Bij het aflopen van de overgangsperiode kan het aanwijzen, wijzigen of schrappen van gemeentelijke monumenten alleen nog op basis van het omgevingsplan plaatsvinden. In de huidige Verordening fysieke leefomgeving is het aanwijzen, wijzigen of schrappen een bevoegdheid van het college. Onder de huidige regelgeving is het college ook het bevoegd gezag die belast is met de registratie hiervan. Door het opnemen van deze bepaling kan het college zelfstandig gemeentelijke monumenten aanwijzen, wijzigen of schrappen. Het beleidsneutraal overzetten van regels uit de bruidsschat (tijdelijk deel omgevingsplan). Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet komen regels op Rijksniveau te vervallen. De regels die het Rijk heeft gesteld zijn gebundeld in het tijdelijk deel van het omgevingsplan/ omgevingsplan van rechtswege. Het beleidsneutraal overzetten van deze regels naar het omgevingsplan kan gebeuren zonder dat uw raad daarover een besluit hoeft te nemen. Wanneer er een politieke afweging moet worden gemaakt bij het overzetten, dient uw raad daarover wel een besluit te nemen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel