Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3. › § 3.2

Artikel 3.2.3

Voorzienbaarheid

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2025

Als het college van oordeel is dat een inwoner zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning redelijkerwijs van tevoren had kunnen voorzien en dit met zijn beslissing had kunnen voorkomen door rekening te houden met zijn beperkingen en de te verwachten ontwikkelingen daarvan, kan het college besluiten dat de inwoner niet in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening met betrekking tot zelfredzaamheid of participatie. Bij een beroep op maatschappelijke opvang, kan bijvoorbeeld worden gekeken of iemand zelf zijn huur heeft opgezegd of zijn herkomstland heeft verlaten zonder maatregelen te treffen om zich in onze regio te vestigen. Voorzienbaarheid moet goed onderzocht worden en in kaart gebracht. Voorzienbaarheid is moeilijk vast te stellen. Van belang is wanneer en wat de inwoner had kunnen weten. Het college kan voorzieningen weigeren als iemand iets aanschaft of verhuist zonder rekening te houden met zijn beperkingen en de te verwachten ontwikkelingen daarvan. Er is dan al sprake van beperkingen. Het college kan niet van de burger eisen dat hij preventief maatregelen treft en investeringen doet, die moeten voorkomen dat toekomstige onzekere gebeurtenissen in zijn gezondheidstoestand als gevolg van het ouder worden leiden tot een beroep op de Wmo. Er is dan nog geen sprake van beperkingen. Als een inwoner een aantal jaar geleden een bad heeft laten plaatsen en in de jaren daarna gezondheidsklachten heeft ontwikkeld, kan dus gesteld worden dat de problemen niet te voorzien waren.

Rechtspraak bij dit artikel