In de beschikking tot verstrekking van een voorziening wordt vastgelegd:
welke voorziening verstrekt wordt, wie de jeugdhulp gaat bieden en wat het beoogde resultaat daarvan is;
of de voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt, en indien van toepassing;
welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn.
Bij het verstrekken van een voorziening in de vorm van een pgb vermeldt de beschikking naast de in lid 1 genoemde zaken bovendien:
de hoogte van het pgb en hoe deze is bepaald;
de periode waarbinnen het PGB kan worden besteed;
Het besluit tot toekenning van een voorziening wordt afgegeven:
als het gaat om zorg in natura: met een geldigheidsduur tot het moment waarop de betrokken jeugdhulpaanbieder de jeugdhulp heeft beëindigd en het college hiervan op de hoogte heeft gesteld;
als het gaat om een pgb: met een in het besluit vastgestelde geldigheidsduur.
Bij het besluit wordt informatie verstrekt over de rechten en de plichten van de jeugdige en de ouders op grond van de wet, de verordening en de nadere regels.
Het college kan periodiek onderzoeken of er aanleiding is een besluit te heroverwegen en stelt hierover nadere regels.
Artikel 7.
Inhoud en geldigheidsduur beschikking
Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Gennep