Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen als bedoeld
in deze afdeling van toepassing is, zonder vergunning van
het bevoegd gezag is geveld, dan wel op andere wijze teniet
is gegaan, kan het bevoegd gezag aan de zakelijk gerechtigde
van de grond waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan
degene die uit anderen hoofde tot het treffen van
voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te
herbeplanten overeenkomstig de door hen te geven
aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn.
De verplichtingen en voorschriften van dit artikel 4:11f
kunnen gelden voor bomen kleiner dan de in artikel 1 van
deze vordering genoemde minimummaat.
Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid
opgelegd, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke
termijn na herplant en op welke wijze niet aangeslagen
beplanting moet worden vervangen.
Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen als van
toepassing is in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd,
kan het bevoegd gezag aan de zakelijk gerechtigde van de
grond waarop zich de houtopstand bevindt dan wel aan degene
die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen
bevoegd is, de verplichting opleggen om overeenkomstig de
door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te
stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor die
bedreiging wordt weggenomen.
Hoofdstuk 4. › Afdeling 3
Artikel 4:11f
Herplant /instandhoudingsplicht
Onderdeel van Algemeen Plaatselijke Verordening gemeente Hilvarenbeek 2010