Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 9

Draagkracht vaststellen en draagkrachtperiode

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimaregelingen gemeente Voorst 2024-2025

1.. Geen draagkracht hebben: a.. belanghebbenden die, op jaarbasis, een netto inkomen hebben tot 125% van de voor hen geldende bijstandsnorm (exclusief vakantiegeld) eventueel vermeerderd met het verschil tussen de toepasselijke maximale huurtoeslag bij een bijstandsinkomen en de daadwerkelijk ontvangen huurtoeslag, en die geen vermogen hebben boven de voor hen geldende vermogensgrens, zoals bedoeld in artikel 34 lid 3 Pw; b.. belanghebbenden op wie de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) van toepassing is. 2.. Bij een inkomen dat hoger is dan 125% van de toepasselijke bijstandsnorm wordt de draagkracht als volgt vastgesteld: •. 10% van het inkomen tussen de 125% en 150% van de toepasselijke bijstandsnorm; •. 50% van het inkomen tussen de 150% en 200% van de toepasselijke bijstandsnorm; •. 100% van het inkomen boven de 200% van de toepasselijke bijstandsnorm. 3.. In afwijking van het tweede en derde lid geldt voor bijzondere bijstand voor woonkosten, voor kosten van woninginrichting en voor duurzame gebruiksartikelen een draagkrachtgrens van 100%. Dit betekent dat al het inkomen boven de van toepassing zijnde bijstandsnorm volledig als draagkracht wordt aangemerkt. 4.. Bij een vermogen dat hoger is dan de van toepassing zijnde vermogensgrens wordt het meerdere volledig als draagkracht aangemerkt. 5.. In afzonderlijke regelingen kunnen afwijkende draagkrachtregels worden toegepast. 6.. De draagkracht wordt telkens voor een periode van 1 jaar vastgesteld, beginnende op de eerste dag van de maand waarin de bijzondere bijstand wordt aangevraagd. 7.. De draagkracht bij eenmalige bijzondere bijstand is de jaardraagkracht. 8.. De draagkracht bij periodieke bijzondere bijstand wordt per maand verrekend. 9.. Bij samenloop van periodieke en incidentele bijzondere bijstand wordt de draagkracht bij voorrang met de periodieke bijzondere bijstand verrekend. 10.. Indien zich in de loop van de vastgestelde draagkrachtperiode ontwikkelingen voordoen die van zodanig belangrijke aard zijn dat hieraan niet kan worden voorbijgegaan (bijvoorbeeld het wegvallen c.q. het ontstaan van inkomstenbronnen) kan in afwijking van het zevende lid herziening plaatsvinden van de draagkracht over het resterende deel van de draagkrachtperiode. 11.. Bij elke volgende aanvraag om bijzondere bijstand binnen de draagkrachtperiode wordt rekening gehouden met de vastgestelde draagkracht. 12.. Bij bepaling van de draagkracht wordt rekening gehouden met de eigen bijdrage Wlz.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel