**1..** De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de redelijkerwijs gemaakte kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college direct zijn verbonden met en noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 1:4.
**2..** Voor subsidie komen verder in aanmerking:
kosten van de eigen uren die de aanvrager in het traject stopt, tot maximaal 25 % van het aangevraagde subsidiebedrag;
kosten die direct voortvloeien uit het maken van een artistiek product tot maximaal 20 % van het aangevraagde subsidiebedrag met uitzondering van de kosten genoemd onder a.;
kosten voor de aanschaf van muziekinstrumenten, audiovisuele apparatuur, computers of overige goederen met een verwachte levensduur van meer dan twee jaar tot maximaal 20% van de aanschafwaarde van deze goederen tot een maximum van € 1.500,-;
kosten die voor de tijdelijke huur van een werkruimte van derden noodzakelijk zijn voor uitvoering van de activiteiten genoemd in artikel 1:4, niet zijnde een werkruimte in een eigen gehuurde of aangekochte woning;
indien de aanvrager samenwerkt met een instelling, de kosten voor de uren van een coach, mentor of begeleider vanuit de culturele instelling of instelling van hoger onderwijs tot maximaal 10% van het aangevraagde subsidiebedrag.
**3..** Niet voor subsidie in aanmerking komen de kosten van de internationale reis- en verblijfskosten, huur, hypotheek of aankoop van een woning of de werkruimte van de subsidieaanvrager met het oog op structurele bewoning of structurele werkzaamheden die verder reiken dan de uitvoering van de activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
Hoofdstuk 1
Artikel 1:6
Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Onderdeel van Subsidieregeling ontwikkeling voor makers Den Haag 2024