Naar hoofdinhoud
1.. Uitgangspunt bij het verlenen van een omgevingsvergunning tot het vellen van een boom of houtopstand of bij tenietgaan van een vergunningplichtige boom of houtopstand is een herplantplicht of compensatieplicht. 2.. Op een particulier perceel geldt bij: een te vellen boom van 180 centimeter tot 2,5 meter stamomtrek: 1:1 compensatie; een te vellen boom vanaf 2,5 meter stamomtrek, en bij herdenkingsbomen en bij bomen van de landelijke monumentale bomenlijst: compensatie naar boomkroonvolume. 3.. Op niet particuliere percelen geldt bij: een te vellen boom van 60 centimeter tot 1,2 meter stamomtrek: 1:1 compensatie; een te vellen boom vanaf 1,2 meter stamomtrek, herdenkingsbomen en bomen van de landelijke monumentale bomenlijst: compensatie naar boomkroonvolume. 4.. Voor houtopstanden geldt een 1:1 oppervlakte compensatie afgeleid van het kroonoppervlak te meten op de meest recente luchtfoto. 5.. Het aantal te herplanten bomen naar boomkroonvolume wordt als volgt bepaald: stamomtrek boom 1,2 tot 1,8 meter: 4 bomen per gevelde boom; stamomtrek boom 1,8 tot 2,5 meter: 8 bomen per gevelde boom; stamomtrek boom 2,5 tot 3,15 meter: 16 bomen per gevelde boom; stamomtrek 3,15 meter en dikker: 24 bomen per gevelde boom. 6.. Bomen dienen in de boommaat 20/25 herplant te worden. Houtopstanden, inclusief heggen, dienen in de maat bosplantsoen 100/125 te worden herplant. De plantafstand houtopstanden is 1,0 x 1,0 meter, hagen 4 stuks per meter. Het college kan nadere eisen stellen aan het bijplanten van bomen in de boommaat 20/25 bij houtopstanden. 7.. Bomen en houtopstanden dienen binnen twee jaar, met uitstelmogelijkheid door college, te worden gecompenseerd. 8.. Uiterlijk binnen twee maanden na herplant deelt de aanvrager mede dat de herplant heeft plaatsgevonden.

Rechtspraak bij dit artikel