Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2

Artikel 25

Spreekrecht derden

Onderdeel van Verordening op de raadscommissie Haarlemmermeer 2024

1.. Bij aanvang van een raadssessie kunnen anderen dan deelnemers aan de vergadering zoals bedoeld in artikel 24 inspreken over in die raadssessie geagendeerde onderwerpen. Op de agenda is aangegeven hoeveel tijd hiervoor maximaal ter beschikking staat. 2.. Degenen die willen inspreken dienen dit uiterlijk de woensdagmiddag voor de vergadering om 12.00 uur aan te geven bij de griffier onder vermelding van het onderwerp. 3.. Elke inspreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als de totaal beschikbare spreektijd daar aanleiding toe geeft. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. Naar oordeel van de voorzitter kan per onderwerp de spreektijd per persoon worden gelimiteerd. 4.. Het woord kan niet gevoerd worden: over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep op de rechter open staat of heeft opengestaan; over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; over personen; over een onderwerp waarover door dezelfde persoon, dezelfde organisatie óf vertegenwoordiger daarvan reeds ingesproken is en sindsdien geen gewijzigde omstandigheden zijn ontstaan; indien een klacht op grond van artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend; ter promotie van een dienst of product vanuit een commercieel belang en/of partijpolitiek belang. 5.. De inspreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter of een lid doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de inspreker. 6.. Als voor een raadssessie meerdere onderwerpen geagendeerd zijn, kan de voorzitter besluiten de volgorde van behandeling te wijzigen om eerst die onderwerpen te behandelen waarover is ingesproken. 7.. De voorzitter kan een inspreker uitnodigen om na de eerste termijn van de beraadslagingen over het onderwerp waarover is ingesproken kort op het besprokene te reageren. 8.. Als een brief wordt besproken, kan de voorzitter de schrijver van de brief uitnodigen om na de eerste termijn van de beraadslagingen over de brief kort op het besprokene te reageren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel