Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 5

Vrijstellingen

Onderdeel van Havengeldenverordening 2025

Geen havengeld wordt geheven voor: schepen met bijbehorende boten, die onmiddellijk of middellijk in gebruik zijn bij het rijk voor de naleving of de handhaving van de scheepvaartreglementen; schepen met bijbehorende boten, die onmiddellijk of middellijk in gebruik zijn voor het beheer en onderhoud van de haven van de gemeente Lochem; schepen behorende aan de gemeente Lochem; schepen die uitsluitend aanleggen voor het innemen van levensmiddelen voor eigen gebruik voor de opvarenden, waarbij de duur van de aanleg vier uren niet mag overschrijden; schepen die uitsluitend voor het uitvoeren van reparaties in gemeentelijk vaarwater verblijven; schepen waarmee uitsluitend gebruik wordt gemaakt van het gemeentelijk vaarwater voor doorvaart of om van vaarrichting te veranderen sleepboten die niet langer dan vierentwintig uur in gemeentelijk vaarwater verblijven; hospitaalschepen, uitsluitend als zodanig in gebruik; lichters die in geval van averij aan een vaartuig de lading van een dergelijk vaartuig lossen; roeiboten behorende bij vaartuigen waarvoor havengeld verschuldigd is; voortgezet verblijf, voor zover dat voortgezet verblijf uitsluitend een gevolg is van de stremming van de scheepvaart door ijs of andere meteorologische omstandigheden of door het onklaar worden van delen van het Twentekanaal, als sluizen en dergelijke.

Rechtspraak bij dit artikel