Naar hoofdinhoud
1.. De commissievoorzitter zendt ten minste veertien dagen voor een vergadering de commissieleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken. 2.. In spoedeisende gevallen kan de commissievoorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering, wordt deze met de daarbij behorende stukken aan de leden gezonden. 3.. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 11, derde lid, van toepassing. 4.. De agenda wordt bij aanvang van een vergadering door de raadscommissie vastgesteld. 5.. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel