Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 1.

Artikel 2:1

Samenscholing en ongeregeldheden

Onderdeel van APV: Algemene plaatselijke verordening Midden-Delfland 2024

1.. Het is verboden: op een openbare plaats deel te nemen aan een samenscholing, onnodig op te dringen of door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot ongeregeldheden; op enigerlei wijze de openbare orde te verstoren, schijngevechten te houden, onnodig schreeuwen op straat of personen uit te jouwen. 2.. Degene die op een openbare plaats: aanwezig is bij een voorval waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; aanwezig is bij een gebeurtenis die aanleiding geeft tot toeloop van publiek waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; of zich bevindt in of aanwezig is bij een samenscholing; is verplicht op bevel van een ambtenaar van politie en daartoe aangewezen buitengewoon opsporingsambtenaar zijn weg te vervolgen of zich in de door hem aangewezen richting te verwijderen. 3.. Het is verboden zich te begeven naar of zich te bevinden op openbare plaatsen die door het bevoegde bestuursorgaan in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van ongeregeldheden zijn afgezet. 4.. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het derde lid. 5.. Het is verboden om, wanneer een voorval, gebeurtenis of samenscholing als bedoeld in het tweede lid plaatsvindt, tezamen met anderen zich in de richting daarvan te begeven als daarbij voorwerpen en/of stoffen worden meegevoerd, die plegen te worden gebruikt of geschikt zijn om te worden gebruikt bij wanordelijkheden, zoals een ketting, knuppel, helm of bivakmuts. 6.. Het verbod in het vijfde lid is niet van toepassing als de in dat lid bedoelde voorwerpen kennelijk niet bestemd zijn voor het daar aangeduide gebruik. 7.. Dit artikel is niet van toepassing op betogingen, vergaderingen en godsdienstige en levensbeschouwelijke samenkomsten als bedoeld in de Wet openbare manifestaties.

Rechtspraak bij dit artikel