Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 24.

Voorwaarden toekenning persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen

Onderdeel van Verzamelverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ gemeente Voorst 2024 (1e wijziging)

1.. Het college kan persoonlijke ondersteuning bij het vinden of behouden van werk en overige voorzieningen verstrekken ten behoeve van een persoon met een arbeidsbeperking of met een in de persoon gelegen belemmering als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onder b. 2.. Bij de toekenning van persoonlijke ondersteuning en overige voorzieningen zoals bedoeld in het eerste lid gelden de volgende voorwaarden: de belanghebbende behoort tot de doelgroep en: is minimaal achttien jaar oud; of heeft voortgezet speciaal onderwijs of praktijkonderwijs genoten; de belanghebbende kan zonder deze vorm van ondersteuning niet aan het arbeidsproces deelnemen; de werkgever biedt een dienstbetrekking aan die naar het oordeel van college voldoende bijdraagt aan de arbeidsinschakeling van de belanghebbende, gelet op zijn afstand tot de arbeidsmarkt en zijn mogelijkheden en belemmeringen; het betreft geen voorziening of taak waarvoor de werkgever op grond van Arbowetgeving verantwoordelijk is; het betreft geen meeneembare voorziening die tot de standaarduitrusting van de werkgever behoort of algemeen gebruikelijk is in een organisatie; er is naar het oordeel van het college geen sprake van een werkplekaanpassing die in zijn algemeenheid van de werkgever kan worden verlangd; en de kosten van de voorziening(en) zijn naar het oordeel van het college proportioneel, dat wil zeggen dat de investering in de voorziening moet opwegen tegen de maatschappelijke opbrengsten van uitstroom naar werk. 3.. De bepalingen zoals genoemd in artikel 21 eerste tot en met vijfde lid zijn hierbij onverkort van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel