Naar hoofdinhoud

Hoofstuk 4

Artikel 11.

Voorwaarden en weigeringsgronden maatwerkvoorziening

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning gemeente Voorne aan Zee 2025

1.. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst compenserende en tijdig beschikbare voorziening. 2.. De maatwerkvoorziening wordt slechts verstrekt indien deze gezien de beperkingen van de cliënt, veilig voor hemzelf en zijn omgeving is, geen gezondheidsrisico’s met zich meebrengt en niet anti-revaliderend werkt. 3.. Geen maatwerkvoorziening wordt verstrekt: als voor de problematiek die aanleiding geeft voor de noodzaak tot ondersteuning, een voorziening op grond van een andere wettelijke bepaling bestaat waarvan de cliënt op grond van het eigen kracht principe en eigen mogelijkheden redelijkerwijs gebruik kan maken; als het om een voorziening gaat die de inwoner vóór datum van besluit heeft uitgevoerd of geaccepteerd, tenzij het college daarvoor schriftelijk toestemming heeft gegeven of de acute noodzaak achteraf nog kan worden vastgesteld; als de gevraagde voorziening al eerder aan de cliënt is verstrekt op grond van enige wettelijke bepaling en de normale afschrijvingstermijn van die voorziening nog niet verstreken is. Tenzij de voorziening verloren is gegaan door omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen of de cliënt de restwaarde van de voorziening die verloren is gegaan vergoedt of als de eerder verstrekte voorziening niet langer een oplossing biedt voor de behoefte van de cliënt aan maatschappelijke ondersteuning; als deze niet hoofzakelijk op het individu is gericht; als de voorziening niet noodzakelijk was geweest wanneer de cliënt rekening had gehouden met bestaande en bekende beperkingen en de te verwachten ontwikkelingen daarvan; als de cliënt een indicatie heeft voor zorg met verblijf op grond van de Wlz of er redenen zijn om aan te nemen dat de cliënt daarvoor in aanmerking komt, maar weigert mee te werken aan het verkrijgen van een besluit hierover, tenzij artikel 8.6a van de wet van toepassing is. Hierbij wordt artikel 2.3.5, zevende lid van de wet in acht genomen. deze niet langdurig noodzakelijk is, tenzij het gaat om hulp bij het huishouden of begeleiding; de cliënt geen ingezetene is van de gemeente Voorne aan Zee. 4.. Het college kan nadere regels stellen over het gestelde in dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel