In onze gemeente zijn er gebieden waar we extra alert zijn op invasieve soorten omdat ze daar extra risico vormen voor mens of natuur.
Bosgebieden, waar inheemse beplanting niet verdrukt moet worden;
Natuurgebieden en ecologische structuren van de Stadsnatuurkaart, waar invasieve soorten oprukken en de ‘inheemse natuur’ bedreigen;
Piushaven, daar vormen de hard groeiende invasieve waterplanten een belemmering voor de scheepvaart en de inheemse soorten;
Kleine haarden: plekken waar een invasieve exoot net nieuw en nog relatief klein is, daar is het effectief om te voorkomen dat het zich verder verspreid;
Fietspaden, waar woekerende beplanting niet tot onveilige situaties mag leiden;
Nieuwbouwlocaties: een nieuwe wijk moet ‘schoon opgeleverd’ worden.
Al gevestigde en wijdverspreide soorten
Van de soorten die al wijd verspreid zijn, is het onmogelijk om alles te bestrijden. Daarom wordt er gekeken of de soort een risico vormt. Daarbij wordt o.a. gelet op:
Risico voor volksgezondheid (bv plekken waar veel kwetsbare mensen komen);
Risico voor verkeersveiligheid (bv wegbermen, bij kruispunten);
Risico op schade aan gebouwen, civiele kunstwerken of infrastructuur;
Risico voor schade aan ecologie en biodiversiteit, bv in natuurgebieden;
Risico op aansprakelijkheid in relatie met bovengenoemde;
Omvang van de populatie/ locatie, bv < 10m2.
Risico op herbesmetting
In hoofdstuk 4 van dit document (beslisboom) wordt hier uitgebreid op ingegaan.
Foto 3a en 3b: schade door Japanse duizendknoop
(bron: Saxifraga- Rutger Barendse)
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.2
Urgente gebieden en negatieve effecten
Onderdeel van Uitvoeringsrichtlijn invasieve exoten en overlast gevende planten