Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK

Artikel 35.

Artikel 35.

Onderdeel van ​​Gemeenschappelijke Regeling VRBZO 2024​

1.. Toetreding van gemeenten tot de gemeenschappelijke regeling of uittreding van gemeenten uit de gemeenschappelijke regeling is slechts mogelijk na wijziging van de verdeling van gemeenten in regio’s, als bedoeld in artikel 8 van de Wet. 2.. Het Algemeen Bestuur regelt de gevolgen van de toetreding of de uittreding en kan voorwaarden verbinden aan de toetreding of uittreding. 3.. Bij het uittreden worden bij het bepalen van de gevolgen voor het vermogen van de regeling in ieder geval de volgende bepalingen gehanteerd: a.. Indien het uittreden van een bestuursorgaan leidt tot overdracht materiaal, materieel of gebouwen van de regeling vindt de overdracht van duurzame gebruiksgoederen plaats tegen boekwaarde op de uittredingsdatum. Over de overdracht van personeel worden in goed overleg afzonderlijke afspraken gemaakt. b.. Indien het uittreden van een bestuursorgaan leidt tot een daling van opbrengsten worden de negatieve financiële gevolgen ervan aangemerkt als frictie- en desintegratiekosten, deze worden als volgt over een periode van drie jaar door het uittredend bestuursorgaan gecompenseerd: Het eerste jaar na uittreding voor 100%, het tweede jaar 66% en het derde jaar 33% van deze kosten. De frictie- en desintegratiekosten worden als volgt bepaald, de daling van opbrengsten vermindert met de directe kosten op jaarbasis van de overgedragen taken, materiaal, materieel, gebouwen en personeel. c.. Voor het opgebouwde vermogen (reserves) dat kan worden toegerekend aan het uittredend bestuursorgaan vindt compensatie plaats naar rato van de verdeelsleutel. Voorzieningen worden alleen overgedragen voor het onderdeel dat betrekking heeft op overdragen taken, materiaal, materieel, gebouwen en personeel. Wijzigingen of opheffing

Rechtspraak bij dit artikel