**1..** De zittingstermijn van de leden van de WSW-raad bedraagt drie jaar. De leden kunnen maximaal voor een termijn worden herbenoemd.
**2..** Bij tussentijds aftreden van een lid draagt de WSW-raad binnen drie maanden een nieuwe kandidaat voor. Wordt niet binnen drie maanden een nieuwe kandidaat voorgedragen, dan is het college met in achtneming van artikel 4.4 bevoegd zonder voordracht in de vacature te voorzien.
**3..** De tussentijdse vervanging geschiedt voor de resterende zittingstermijn.
Hoofdstuk
Artikel 4.5
De zittingstermijn
Onderdeel van Verordening op de Wet sociale werkvoorziening