Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Verordening op de vastgoedregistratie

In deze verordening en de hierop gebaseerde regels wordt verstaan onder: adres: door het college aan een verblijfsobject, een standplaats of een ligplaats toegekende benaming zoals bedoeld in artikel 1, onder a, van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen (BAG); adresseerbaar object: een verblijfsobject, ligplaats of standplaats; adressenregister: gemeentelijk register zoals bedoeld in artikel 1, onder b, van de Wet BAG; adressenregistratie: gemeentelijke registratie zoals bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; BAG: basisregistraties adressen en gebouwen; basisregistratie: verzameling gegevens zoals bedoeld in artikel 1, onder e, van de Wet BAG; basisregistratie grootschalige topografie voor het Amsterdamse grondgebied: de verzameling van grootschalige topografische basisgegevens van geografische objecten op het grondgebied van de gemeente Amsterdam; basisregistratie kadaster: de door de Dienst voor het kadaster en de openbare registers gevoerde registratie van administratieve gegevens over onroerende zaken en de landelijke kadastrale kaart, als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 1, van de Kadasterwet; basisregistratie kleinschalige topografie voor het grondgebied van de gemeente Amsterdam en omgeving: de verzameling van kleinschalige topografische basisgegevens van geografische objecten op het grondgebied van de gemeente Amsterdam en omgeving; college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam; Commissie naamgeving openbare ruimten: een door het college ingestelde commissie met als taak het college op verzoek te adviseren over de toekenning van een naam aan openbare ruimten; gebiedsindeling van Amsterdam: indeling van Amsterdam in stadsdelen, buurtcombinaties, buurten en bouwblokken en grootstedelijke projecten; gebouwenregister: gemeentelijk register zoals bedoeld in artikel 1, onder h, van de Wet BAG; gebouwenregistratie: gemeentelijke registratie zoals bedoeld in artikel 1, onder i, van de Wet BAG; geodetische infrastructuur: een verdichting van het landelijke referentiestelsel van coördinaat- en hoogtepunten in het landschap ten opzichte waarvan lokaal wordt gemeten, met als doel het optimaal onderhouden en beschikbaar stellen van het Rijksdriehoeksnetwerk (RD) en het Normaal Amsterdams Peil (NAP); ligplaats: door het college als zodanig aangewezen plaats zoals bedoeld in artikel 1, onder k, van de Wet BAG; naambord: bord met een of meer door het college toegekende namen aan een woonplaats, stadsdeel, buurtcombinatie, buurt of openbare ruimte; NAP-peilmerk: bout voor het verrichten van NAP-hoogtemetingen; nummeraanduiding: door het college als zodanig toegekende aanduiding zoals bedoeld in artikel 1, onder l, van de Wet BAG; nummerbord: van een of meer nummeraanduidingen als bedoeld onder s voorzien bord; openbare ruimte: buitenruimte zoals bedoeld in artikel 1, onder n, van de Wet BAG; pand: zelfstandige eenheid zoals bedoeld in artikel 1, onder o, van de Wet BAG; rechthebbende: eenieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht of een persoonlijk recht zodanig beschik­king heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht bevoegd is om in die zaak te handelen zoals in de verorde­ning is voorgeschreven, alsmede de beheerder; register: verzameling van brondocumenten zoals bedoeld in artikel 1, onder f, van de Wet BAG; registratie: het geautomatiseerde systeem dat de van belang zijnde gegevens (uit het register) ontsluit; standplaats: door het college als zodanig aangewezen terrein of gedeelte daarvan zoals bedoeld in artikel 1, onder p, van de Wet BAG; vastgoedregistratie: de gezamenlijke registraties van adressen, gebouwen, topografie, kadaster, gebiedsindeling, geodetische infrastructuur, gemeentelijke beperkingen, Amsterdams MeetboutenNET, luchtfoto's, panoramafoto's en Actueel Hoogtebestand Nederland; bb. verblijfsobject: eenheid van gebruik zoals bedoeld in artikel 1, onder q, van de Wet BAG; cc. woonplaats: gedeelte van het grondgebied van de gemeente zoals bedoeld in artikel 1, onder r, van de Wet BAG.

Rechtspraak bij dit artikel