De uitvoering leidt tot resultaten. In hoeverre deze resultaten bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen is object voor monitoring, evaluatie en verantwoording. De doelstellingen in voorliggend document zijn daar waar mogelijk voorzien van indicatoren. Door te monitoren op de indicatoren krijgen we inzicht in de mate van doelbereiking. Hierover leggen wij in het VTH-jaarverslag verantwoording af.
BIJLAGE 1 Terugblik en vooruitblik
Uitkomsten terugblik op de ervaringen met de VTH-beleidscyclus en – uitvoering in de afgelopen jaren en vooruitblik op voor VTH relevante ontwikkelingen.
Terugblik
Sluitend zijn VTH-cyclus
Het systematisch doorlopen van de VTH-cyclus ziet de wetgever als een belangrijke waarborg voor een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. Idealiter begint dit met beleid dat is aangepast aan de actualiteit. Vervolgens moeten beleidsprioriteiten doorwerking krijgen naar activiteiten in het uitvoeringsprogramma. Via het jaarverslag wordt dan verantwoording afgelegd over de mate van uitvoering van de geplande activiteiten. De inzichten die dit geeft, leiden mogelijk tot bijstelling van het beleid.
Cijfers over aantallen aanvragen/meldingen, beslistermijnen, uitgevoerde (her)controles, soort overtredingen en handhavingsprocedures zijn beperkt inzichtelijk. Hierdoor is het lastig analyses te maken over bijvoorbeeld naleefgedrag en uitvoeringskwaliteit en zijn het VTH-uitvoeringsprogramma en -jaarverslag, met uitzondering van het bouwtoezicht, nogal beschrijvend van aard.
Het is belangrijk de in 2022 gestarte beleidsactualisering verder op te pakken en daarbij te kijken naar mogelijkheden tot bundeling van voor VTH relevant beleid, zodat versnippering van uitvoeringsbeleid wordt tegengegaan. Hierbij moet ook de wijze van gegevensregistratie en -verzameling aandacht krijgen, zodat monitoring op beleidsdoelstellingen en prognoses in het uitvoeringsprogramma verbeterd kunnen worden.
Voldoen aan landelijke kwaliteitscriteria
Naast de wettelijke proceseisen geldt voor de VTH-taakuitvoering op basis van de Omgevingswet dat de organisatie moet voldoen aan landelijke kwaliteitseisen. In de Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht), vastgesteld door de raad op 21 december 2023, zijn de actuele kwaliteitscriteria van toepassing verklaard op de VTH-thuistaken en -basistaken. In artikel 5 van deze verordening is bepaald dat het college de actuele kwaliteitscriteria en explainmodules vast stelt.
Er bestaat geen inzicht in hoeverre de organisatie aan deze landelijke kwaliteitscriteria (kritieke massa personele formatie, deskundigheidsniveau medewerkers en organisatie competenties) voldoet.
Overzicht en actueel zijn regelgeving, beleid en aanwijzingsbesluiten relevant voor VTH
Er zijn diverse verordeningen, nadere regels, beleidsregels en aanwijzingsbesluiten die de fysieke leefomgeving van Meppel betreffen. Het is lastig een goed beeld te krijgen van de diverse beleidsdocumenten en hun status (nog geldend/ingetrokken/vervallen).
In de uitvoeringspraktijk blijkt dat bepaalde regelgeving gedateerd is. Voor een efficiënte uitvoering is actuele regelgeving belangrijk. Onder andere de APV (ondermijningsproof maken), het daarop gebaseerde beleid en Drank- en horecaverordening behoeven actualisering. Ook landelijke wetgeving op gebied van openbare orde en bijzondere wetgeving vraagt regelmatig om nieuw gemeentelijk beleid.
De gemeenteraad moet om de vier jaar een Preventie- en Handhavingsplan alcohol vaststellen.
Aangewezen en wensen aanwijzing toezichthouders
Er bestaan verschillende beelden over wie aangewezen zijn dan wel zouden moeten zijn als toezichthouder in de zin van artikel 5:11 Algemene wet bestuursrecht. Goed inzicht in wie zijn aangewezen als toezichthouder bij de verschillende teams en afstemming binnen de organisatie over nieuwe wensen/behoeftes op dit gebied is nodig.
Vergunningenbestand
Bij doorlopende vergunningen, zoals drank-, exploitatie- en kansspelvergunningen, is het actueel zijn van vergunningen een aandachtspunt. Kenmerkend voor met name de horecabranche is, dat er relatief vaak wijzigingen plaatsvinden in eigenaarschap en bedrijfsvoering. Afhankelijk van de aard van de wijziging zal een nieuwe vergunning dan wel wijziging van leidinggevende noodzakelijk zijn. Dat is vaak geen automatisme. Uit oogpunt van een verantwoordelijke alcoholverstrekking is meer actief toezicht hierop wenselijk.
Signaalgestuurd werken
Idealiter vindt toezicht en handhaving in de dagelijkse praktijk plaats op basis van de prioriteiten en het uitvoeringsprogramma. In de praktijk zien we dat er nog veel gebeurt in ‘de waan van de dag’; aan de hand van ‘wat zich aandient’. Er is meer sprake van een signaalgestuurde dan risicogestuurde werkwijze.
Het is belangrijk een juiste balans te vinden tussen de inzet op signalen (meldingen, klachten, handhavingsverzoeken) en de geprioriteerde onderwerpen volgend uit het beleid.
De verwachtingen over de inzet van toezicht/handhaving op signalen/waarnemingen van collega’s en ketenpartners komen niet altijd overeen met de opvolging ervan. Voor een goede samenwerking is het belangrijk te komen tot afspraken over het delen van signalen/meldingen, het aanscherpen van de routing en de rollen van partijen.
Lage prioriteit gebruikstoezicht
In minimale vorm wordt toezicht gehouden op bestaande bouw en ruimtelijke ordening (naleving bepalingen bestemmingsplannen, zoals illegaal gebruik en illegale bouw en bewoning). Dit betreft hoofdzakelijk signaaltoezicht. Hierdoor is de handhaving selectief. Daar waar gemeld wordt, is er toezicht. Soortgelijke situaties waarover geen signaal komt, krijgen geen aandacht.
Dit roept de vraag op of een meer gebiedsgerichte vorm van toezicht nodig is om meer zicht te krijgen op illegale/ongewenste situaties. Ook vanuit ondermijningsoogpunt kan dit meerwaarde hebben.
Verbinding tussen bestuurlijke ambities en benodigde formatie
Meer verbinding tussen strategisch beleid/bestuurlijke ambities en de VTH-uitvoering kan leiden tot een betere beheersing in de dagelijkse praktijk. Bij de planvorming, opgaves en projecten, bijvoorbeeld op het gebied van woningbouw, ondermijning of duurzaamheid, moet de impact voor vergunningverlening, toezicht en handhaving ook worden meegenomen. Als hiervoor aan de voorkant geen aandacht is, kunnen aan de achterkant knelpunten ontstaan. Bijvoorbeeld kunnen dan controles niet worden uitgevoerd of in geval van overtreding soms geen opvolging krijgen. Op dit moment staat hierdoor en door de verzoeken om handhaving de werkvoorraad bij juridische handhaving op gespannen voet met de beschikbare capaciteit.
Uitvoering Bibob-beleidsregel
In 2023 is de Bibob-beleidsregel geactualiseerd. Er is aangegeven in welke gevallen een Bibob-toets moet dan wel kan worden uitgevoerd. Een Bibob-toets is verplicht bij vergunningaanvragen voor horeca, prostitutie, coffeeshops en speelautomaten.
Bij aanvragen voor een omgevings- en evenementenvergunning, subsidies, vastgoedtransacties en overheidsopdrachten kan, afhankelijk van de risico-categorie, een Bibob-toets plaatsvinden.
Het uitvoeren van een Bibob-toets is arbeidsintensief, vereist specifieke deskundigheid en moet proportioneel zijn. De implementatie van deze beleidsregel binnen de verschillende teams vraagt nog aandacht. Daarbij is nadere afstemming gewenst over wat nodig is om te komen tot een goede uitvoering van de toets en de vraag of de “moet” gevallen in het beleid niet te strikt geformuleerd zijn.
Onder de Drentse aanpak ondermijning is het belangrijk tot regionale afstemming van Bibob-beleid te komen, zodat shopgedrag wordt voorkomen.
Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen
Om de brandveiligheid op plaatsen als evenemententerreinen, campings en jachthavens te bevorderen, gelden sinds 2018 de landelijke basisregels in het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen (BGBOP). Soms moet hiervoor een gebruiksmelding worden ingediend. De bekendheid met dit Besluit vraagt nog aandacht. Het gaat om gebruik van locaties waarvoor vanuit andere regels geen brandveiligheidseisen zijn gesteld.
Voortuitblik
Onderstaande ontwikkelingen hebben invloed/kunnen van invloed zijn op de VTH-taakuitvoering.
Ervaring opdoen met werken onder Omgevingswet en Wkb
Vanaf 1 januari 2024 moet de gemeentelijke organisatie gaan werken in een veranderend speelveld met nieuwe, wettelijke regels, met nieuwe systemen en nieuwe beleidsinstrumenten, zoals de omgevingsvisie en het omgevingsplan, gaan vormgeven.
Daarnaast zijn gemeentelijke taken overgegaan naar private partijen. Dit betreft de bouwtechnische toets en het bouwtechnische toezicht voor nieuwbouwwerken in gevolgklasse 1.
Het zal voor zowel aanvragers als de gemeente/partners tijd kosten om deze complexe herziening van het wettelijk stelsel onder de knie te krijgen.
De Omgevingswet beoogt ook het participatief werken een impuls te geven. Het participatief werken krijgt met de Wet versterking participatie op decentraal niveau7Op 4 juni 2024 stemde de Eerste Kamer in met het Wetsvoorstel Versterking participatie op decentraal niveau. Deze wet treedt op 1 januari 2025 in werking. Vanaf dat moment heeft de gemeente twee jaar de tijd om de inspraakverordening om te zetten in een participatieverordening en o.a. spelregels voor de omgang met het uitdaagrecht vast te stellen. Dit uitdraagrecht heeft een breder toepassingsgebied dan het omgevingsrecht/de fysieke leefomgeving.. en het daarin opgenomen “uitdaagrecht” nog een extra impuls. Met het uitdaagrecht kunnen inwoners het gemeentebestuur uitdagen om de uitvoering van een taak over te nemen, wanneer zij denken dit beter en goedkoper te kunnen doen.
Omzettingsfase tijdelijk deel omgevingsplan tot 31-12-2031; eerste wijziging
Sinds 1 januari 2024 beschikt de gemeente over een omgevingsplan “van rechtswege”. Dit tijdelijk (deel van het) omgevingsplan bestaat uit de oude bestemmingsplannen, verordeningen en rijksregels (de zogenoemde Bruidsschat).
Per deelgebied zal het tijdelijk deel van het omgevingsplan worden omgezet/gewijzigd naar het definitieve omgevingsplan en duidelijk worden welke gevolgen dit heeft voor de VTH.
De eerste omzetting betreft het deelgebied Binnenstad en Centrumschil. Hiervoor is inmiddels een wijzigingsplan in procedure gebracht. Bij vaststelling van dit wijzigingsplan door de gemeenteraad zal o.a. een nieuw, gemeentelijk beschermd stadsgezicht worden vastgesteld. Daarmee gaat een al langer bestaande politiek-bestuurlijke wens in vervulling. De beoogde bescherming van het historisch centrum zal leiden tot een toename van het aantal vergunningaanvragen en in het verlengde daarvan een hoge prioriteit moeten krijgen bij toezicht en handhaving. De hiervoor benodigde (erfgoed)kennis en financiële en personele capaciteit moeten hierop worden aangepast.
Verschuiving van taken/invulling (gebruiks)toezicht
Onder de Omgevingswet zijn meer activiteiten toestemmingsvrij. De Wkb introduceert een meldplicht voor nieuwbouw in gevolgklasse 1 (de lichtere bouwwerken) voor de technische bouwactiviteit. De preventieve toets op deze bouwplannen en het toezicht tijdens de bouw zijn overgegaan naar private kwaliteitsborgers.
Wij zien 2024 en 2025 als overgangsjaren waarin wij ervaring met de private kwaliteitsborging op willen gaan doen. Dit betekent dat er eerst nog steekproefsgewijs toezicht wordt gehouden op de (nieuw)bouwwerken in gevolgklasse 1. Gedurende deze overgangsperiode moet duidelijk worden of de toezichtrol in de toekomst anders ingevuld moet gaan worden.
Drentse aanpak ondermijning
Op 2 februari 2024 ondertekenden de vertegenwoordigers van de Drentse gemeenten, waterschappen en provincie de intentieovereenkomst Drentse Aanpak Ondermijning. Hiermee onderschrijven de partijen hun gezamenlijke ambities op het gebied van ondermijning. De inzet is erop gericht om alle in de aanpak benoemde ambities (28) binnen 2 jaar (vanaf datum ondertekening) te implementeren. Door structureel samen te werken moet de kans op “shopgedrag” en “waterbedeffect” worden verkleind.
Voor de verdere uitwerking van de ambities is een ambtelijke, provinciale werkgroep gevormd.
In Meppel is eind 2021 reeds gestart met een regisseur ondermijning en in 2022 een ondermijningsteam geformeerd. Inmiddels werken wij in Meppel al meer dan een jaar aan het vergroten van de bewustwording, verhogen van het weerbaarheidsniveau en de meldingsbereidheid.
Duidelijk moet worden wat de Drentse aanpak voor Meppel gaat betekenen in de zin van nadere, beleidsmatige keuzes, beschikbare en benodigde personele en financiële middelen.
Nieuw parkeerbeleid
In januari 2024 is het bestaande parkeerbeleid geëvalueerd. Deze evaluatie vormt de basis voor de opstelling van nieuw parkeerbeleid. De verwachting is dat dit eind 2024 gereed is. Uit de evaluatie blijkt dat er specifieke locaties zijn waar de parkeerdruk hoog is. Echter in totaliteit is er voldoende parkeerruimte, maar de geconcentreerde parkeervoorzieningen worden in verhouding tot de straatparkeerplaatsen weinig gebruikt.
De opzet van de parkeerregulering is voor parkeerders vaak moeilijk te doorgronden en in de uitvoering wordt ongewenst gebruik onvoldoende tegengegaan. Doordat de parkeerhandhaving onderdeel is van een integraal pakket aan handhavingstaken, is de tijd die wordt besteed aan parkeerhandhaving te beperkt.
Aanbeveling is om in het nieuwe beleid heldere kaders voor handhaving te scheppen en handhavingscriteria op te stellen. Dit moet duidelijk maken hoeveel tijd er aan parkeerhandhaving mag worden benut en waar de focus moet komen te liggen. Belangrijk is dat signalen/klachtmeldingen door verschillende interne vakdisciplines met elkaar worden gedeeld, zodat duidelijk wordt in welke straten/gebieden er knelpunten zijn.
Uitbreiding taken en bevoegdheden boa’s
De wereld van de boa’s is de afgelopen jaren enorm veranderd en gaat de komende jaren nog meer veranderen. Niet zolang geleden werkten boa’s in een sterk afgebakend werkveld met focus op parkeren of de APV of afval.
Doordat het werkveld van de politie zich steeds meer gaat richten op opsporing van zwaardere criminaliteit, komt het bewaken van een veilige, openbare ruimte steeds meer op het bordje van de boa te liggen. Boa’s zijn onder meer nadrukkelijker aanwezig bij evenementen, doen avond- en nachtsurveillances in het uitgaansgebied en Alcoholwet-controles.
De taakverschuivingen leiden tot discussie over de uitrusting van de boa’s, het toekennen van geweldsmiddelen en de samenwerking met de politie. Enerzijds omdat de kans dat boa’s met geweld in aanraking komen groter is geworden, anderzijds omdat geweld tegen politie, hulpverleners en boa’s zich steeds vaker voordoet.
Verdere uitbreiding boa- bevoegdheden
Op 1 januari 2024 hebben boa’s aanvullende bevoegdheden gekregen op gebied van verkeershandhaving. Dit betreft de volgende overtredingen van de verkeerswetgeving:
Voeren van geen of onjuiste fietsverlichting;
Negeren van rood licht door fietsers en voetgangers;
Handheld telefoongebruik door fietsers.
Alvorens boa’s op de handhaving op deze verkeersfeiten kunnen worden ingezet, moeten in het gezamenlijk handhavingsarrangement (OM-politie-gemeente) de (rand)voorwaarden over de samenwerking met de politie zijn vastgelegd. Hiervoor is een “Aanhangsel aanvullende boa-bevoegdheden verkeershandhaving” op het eerder vastgestelde Handhavingsarrangement gemaakt.
Op 1 juli is het Besluit aanwijzing Halt-feiten in werking getreden. Met dit nieuwe besluit zijn de feiten waarvoor jongeren voor een Halt-afdoening in aanmerking kunnen komen geactualiseerd en in lijn gebracht met de huidige praktijk. De lijst met delicten die zich lenen voor afdoening met Halt is uitgebreid, maar er zijn ook enkele vervallen.
Op dit moment kunnen boa’s jeugdigen op basis van de aanwijzing in het Besluit doorverwijzen naar Halt (voor openbare dronkenschap, het voor handen hebben van alcohol op voor publiek toegankelijke plaatsen en het buiten de toegestane tijden afsteken van consumentenvuurwerk).
Doorverwijzing voor andere delicten is alleen mogelijk op projectmatige basis, waarbij de lokale, bestuurlijke driehoek (OM-politie-gemeente/burgemeester) bepaalt voor welke feiten boa’s jongeren naar Halt kunnen verwijzen.
Het OM streeft naar een algemene aanwijzing voor boa’s om jeugdigen naar Halt te mogen doorverwijzen. Op deze manier kunnen boa’s, net als de politie, voor alle feiten uit het Besluit aanwijzen Halt-feiten 2024, doorverwijzen naar bureau Halt.
De verwachting is dat hierover in de tweede helft van 2024 meer duidelijkheid komt. Wij zullen deze ontwikkelingen volgen.
Bovengenoemde ontwikkelingen betekenen wederom een uitbreiding van werkzaamheden, vragen een verdergaande professionalisering van de boa-organisatie, het maken van samenwerkingsafspraken binnen de lokale driehoek en aanvullende prioritering in de taken/werkzaamheden van de boa’s.
Organisatorische ontwikkelingen
Onder andere de maatschappelijke behoefte tot meer eigen verantwoordelijkheid, de grote uitdagingen in het fysieke domein en de ingrijpende herziening van het omgevingsrecht maken dat de rol van de gemeente aan verandering onderhevig is. Met de Koers van Meppel werd in 2019 ingespeeld op het nieuwe samenspel tussen gemeentebestuur, ambtelijke organisatie en samenleving.
Kenmerkend voor deze tijd is dat veranderingen elkaar steeds sneller opvolgen. Daarbij zijn opgaves complex en de middelen beperkt. Dit maakt dat het na 4 jaar tijd is de Koers te gaan evalueren. Daarnaast is het BAM-programma gestart. Dit traject moet de komende jaren een betere balans brengen tussen ambities en beschikbare middelen. Kijkend naar de omvangrijke VTH-taken en de hiervoor beschikbare capaciteit, is het ook voor VTH continu zoeken naar de juiste balans.
Onder andere het wijk- en dorpsgericht werken via de wijkteams helpt om te komen tot een integrale manier van werken. Door de aanwezigheid van wijkregisseurs en wijkboa’s liggen er kansen om informatie uit te wisselen en knelpunten dan wel prioriteiten in een gebied vroegtijdig in beeld te krijgen.
Vanaf 2024 worden er wijkagenda’s opgesteld waarin vraagstukken/behoeften in een wijk of dorp centraal staan.
Onderzoek naar de uitvoeringskracht en bekostiging VTH-taken fysiek domein
Grote opgaves, zoals de energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, woningbouw en Omgevingswet/Wkb liggen op het bordje van de gemeente. De recente stelselwijzigingen in het fysieke domein betekenen niet alleen grote veranderingen voor de manier van werken maar ook voor de financiën van de BWT/VTH. Er zijn taakverschuivingen naar de private sector, waardoor legesinkomsten wegvallen. Er zijn nieuwe taken waar geen legesinkomsten tegenover staan. Welke financiële risico’s/effecten brengt dit voor de gemeente met zich mee?
Als gemeente gaan wij monitoren hoe het legesverloop zich ontwikkelt. De Vereniging BWT Nederland en VNG gaan verder onderzoek doen naar hoe in de toekomst de VTH-taken op adequate wijze in te blijven vullen en te bekostigen.
Nationale Woon- en Bouwagenda
Met de Nationale Woon- en Bouwagenda pakken rijk, provincies en gemeenten een hernieuwde regie op volkshuisvesting. Doel is te komen tot een gezamenlijke en samenhangende aanpak van het woningtekort en verduurzaming van woningen volgens zes programmalijnen. In het bijzonder de programma’s “Woningbouw” (ambitie versnelde aanpak woningbouw 900.000 woningen tot en met 2030) en “Versnelling verduurzaming gebouwde omgeving” (ambitie CO2-reductie van minimaal 55 procent te halen en te streven naar 60 procent in 2030) leiden naar verwachting tot meer vergunningaanvragen en toezicht- en handhavingsactiviteiten.
Met het wetsvoorstel ‘Versterking regie op de volkshuisvesting’ wordt bovenvermelde regierol van de overheid op de volkshuisvesting wettelijk verankerd. Dit wetsvoorstel is op 7 maart 2024 voor behandeling ingediend bij de Tweede Kamer.
Wijzigingen in (bouw) regelgeving
De afgelopen jaren zien we bijna continue wijzigingen in de (bouw)regelgeving die impact hebben op de uitvoering van VTH-taken door de gemeente. Dit vraagt van de uitvoeringspraktijk continu alert zijn op/inspelen op deze ontwikkelingen.
Onder andere de periodieke onderzoekplicht op constructieve veiligheid van grote voor publiek toegankelijke gebouwen8Gebouwen met bijeenkomstfunctie, onderwijsfunctie, sportfunctie, gezondheidsfunctie of overige gebruiksfunctie voor personen voor ten minste 5.000 personen of met een ruimte in het gebouw voor ten minste 500 personen. vraagt aandacht van gebouweigenaren en gebruikers.
De gemeente heeft hierbij een informerende, toezichthoudende en handhavende rol.
Dit is een nieuwe taak die nog verder ingevuld/ontwikkeld moet worden.
Wet goed verhuurderschap
Op 1 juli 2023 is de Wet goed verhuurderschap in werking getreden. Deze wet introduceert een landelijke norm voor goed verhuurderschap bij de verhuur van woonruimte of verblijfsruimte aan arbeidsmigranten. De landelijke norm bestaat uit zeven algemene regels:
Verbod op discriminatie;
Verbod op intimidatie;
Informatieplicht verhuurder;
Begrenzing in servicekosten;
Begrenzing in waarborgsom;
Verbod dubbele bemiddelingskosten;
Schriftelijkheidsvereiste en scheiding van huur- en arbeidsovereenkomst.
Vanaf 1 januari 2024 heeft de gemeente een kosteloos meldpunt ingericht waar informatievragen, meldingen en handhavingsverzoeken kunnen binnenkomen. Meldingen en vragen komen in eerste instantie binnen bij de wijkregisseur Centrum van het team Leefbaarheid en Wijkregie. We gaan in 2024 ervaring opdoen met het aantal en soort meldingen en in beeld brengen wat de impact is van deze nieuwe taak voor toezicht en handhaving.
De wet biedt optioneel de mogelijkheid om een vergunningstelsel in te richten.
De gemeente kan ervoor kiezen om een gebiedsgerichte algemene verhuurvergunning (voor woonruimte) en/of een gemeente brede vergunningplicht voor arbeidsmigranten (voor verblijfsruimte) in te stellen.
De aandachtspunten uit de terug- en vooruitblik zijn, voor zover mogelijk, vertaald naar uitgangspunten en doelstellingen.
BIJLAGE 2 Overzicht wet- & regelgeving en beleid relevant voor VTH
Landelijke wet- en regelgeving
Omgevingswet
Besluit kwaliteit leefomgeving
Besluit activiteiten Leefomgeving
Besluit bouwwerken leefomgeving
Omgevingsbesluit
Omgevingsregeling
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Woningwet9De Wkb wijzigt de Woningwet, de Wabo, het Burgerlijk Wetboek (BW) en de Invoeringswet Nieuw BW. Zodra die wijzigingen in werking zijn getreden speelt de wijzigingswet hooguit nog een rol als naslagwerk. De Woningwet gaat maar voor een deel op in de Omgevingswet en blijft na 1 januari 2024 bestaan, inclusief de ‘nieuwe’ Afdeling 1A Kwaliteitsborging voor het bouwen.1 De Wabo gaat geheel over in de Omgevingswet.
Huisvestingswet
Erfgoedwet
Landelijke richtlijn bouw- en sloopveiligheid
Awb
Gemeentewet
Wet goed verhuurderschap
Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen
Wegenverkeerswet
Alcoholwet
Wet op de kansspelen
Opiumwet
Wet BIBOB
Vuurwerkbesluit
Bestuurlijke visie-/ambitiedocumenten relevant voor VTH
Visie op de fysieke leefomgeving 2021
Woonvisie
Koers Meppel 2019
Integraal Veiligheidsplan Meppel 2023
Uitvoeringsplan ondermijning en weerbaarheid 2024-2025
Visie dienstverlening
Participatiebeleid (Notitie Participatie Meppel & Leidraad participatie “Meedoen in Meppel” 2023)
Lokale verordeningen en daarop gebaseerde nadere regels en beleid(sregels) fysieke leefomgeving
Omgevingsplan gemeente Meppel
Erfgoedbeleid Meppel Nu ( vastgesteld 27-5-2021)
Erfgoedverordening Meppel 2017 (laatstelijk gewijzigd 1-1-2022)
Wegsleepverordening
Havenverordening
Woonschepenverordening
Uitvoeringsbesluit Afvalstoffen gemeente Meppel (vastgesteld 23-11-2021)
Verordening fysieke leefomgeving gemeente Meppel (vastgesteld 28-10-2021)
Aanwijzingsbesluit
artikel 3.4.4.9, lid 2 VFLO overlast wees (brom)fietsen (vastgesteld 12-4-2022
artikel 3.4.4.11 VFLO overlast van fiets of bromfiets op markt en kermisterrein en dergelijke (vastgesteld 12-4-2022)
Nadere regels artikel 3.4.1.1 lid 2 VFLO Meppel gebruik driehoeksborden
Anticiperend op het Omgevingsplan zijn diverse artikelen uit onderstaande verordeningen verhuisd naar de VFLO of hierin helemaal opgenomen:
De Verordening fysieke leefomgeving Meppel 2022
De Algemene plaatselijke verordening gemeente Meppel
De Bouwverordening Meppel 2005
De Erfgoedverordening Meppel 2017
Helemaal opgenomen:
Afvalstoffenverordening gemeente Meppel 2018
Marktverordening gemeente Meppel
Telecommunicatieverordening gemeente Meppel
Beleidsnotitie gebruiksvergunningen 2006
Beleidsregel tijdelijk gebruik woonvoorziening op eigen perceel (vastgesteld 28-3-2023)
Beleidsregel kleine windmolens 2021
Verordening kwaliteit uitvoering en handhaving omgevingsrecht Meppel ((vastgesteld 21-12-2023)
Kadernota toezicht en handhaving 2011-2014
Concept-Handhavingsbeleidsplan vergunningen, toezicht en handhaving 2023-2027 Adviesrapport Leidraad handhavingsprioritering gemeente Meppel –bestuurlijk vastgesteld?
Beleidsregels spoedeisende bestuursdwang bijplaatsingen bij ondergrondse containers en dumpen afval Meppel (vastgesteld 4-1-2022)
Beleid uitvoering Wet kwaliteitsborging bouwwerken gevolgklasse 1 (vastgesteld 19-12-2023)
Lokale verordeningen en daarop gebaseerde nadere regels en beleid(sregels) openbare orde en veiligheid
Algemene plaatselijke verordening (laatstelijk gewijzigd 1-1-2021)
Nadere regels:
verdeling vergunningen prostitutiebedrijven gemeente Meppel (vastgesteld 4-1-2022)
artikelen 2:3, tweede lid en 2:11 omtrent terrassen (vastgesteld 27-5-2019)
artikel 2:3, tweede lid omtrent uitstallingen (vastgesteld 25-6-2012)
Beleidsregel(s);
artikel 2:12 lid 1 en artikel 2:12 lid 4 sluitingstijden horecabedrijven (vastgesteld 16-9-2021)
verblijfsontzegging Gemeente Meppel 2020 o.b.v. art. 2.32 APV – toezicht en handhaving door politie
burgemeester Meppel omtrent gevaarlijke en bijtende honden op grond van art. 2.35 APV (vastgesteld 26-2-2019)
artikel 2.2a ontheffing verbod verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen– (vastgesteld 12-4-2022)
Aanwijzingsbesluit:
artikel 2:21 APV inzake verspreiden geschreven of gedrukte stukken en afbeeldingen (vastgesteld 12-4-2022)
artikel 2:29a APV verbod bij zich hebben of meevoeren van drinkgerei van glas of geopende flessen van glas( vastgesteld 12-4-2022)
artikel 5:6 Apv verbod parkeren grote voertuigen (vastgesteld 30-6-2020)
artikel 5:17a APV wijk Berggierslanden waar het verbod geldt vaartuigen met verbrandingsmotoren te gebruiken (vastgesteld 19-12-2014)
artikel 5:9 APV stationsgebied en directe omgeving waar het verbod geldt onbeheerde buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen gestalde (brom)fietsen te laten staan (vastgesteld 9-9-2014)
- artikel 2:29, 1e lid bebouwde kommen van Meppel als het verbod geldt om op een openbare plaats alcoholhoudende drank te gebruiken of aangebroken flessen, blikjes, glazen en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben (vastgesteld 8-11-2011)
artikel 5:4 APV alle wegen binnen de bebouwde kommen van Meppel waar het verboden is een caravan, aanhangwagen, trailer, keetwagen of ander dergelijk voertuig dat voor recreatie dan wel anderszins uitsluitend of mede voor andere dan verkeersdoeleinden worden gebezigd, langer dan drie dagen achtereenvolgende dagen te doen of laten staan (vastgesteld 8-11-2011)
Beleidsregel Wet Bibob gemeente Meppel 2023 (vastgesteld 9-10-2023)
Beleidsregels wet aanpak woonoverlast gemeente Meppel 2018
Handhavingsprotocol bij de Nadere regels voor Terrassen en Uitstallingen gemeente Meppel 2012
Parkeerverordening gemeente Meppel 2010
Nota parkeernormen 2021
Beleidsregel Uitgifte Parkeervergunningen en ontheffingen 2021
Aanwijsbesluit parkeren 2021
Vent- en standplaatsenbeleid 2008
Reclamebeleid 2013
Ketenbeleid 2014
Evenementenbeleid 2015
Coffeeshopbeleid 2019
Beleidsregels handhaving handel en/of aanwezigheid hard- en softdrugs in woning of lokaal (14-11-2013)
Drank- en horecaverordening 2014
Verordening inzake de winkeltijden
Verordening inzake speelautomaten en speelautomatenhallen
Overig
Beleidsregels handhaving Wet kinderopvang 2018
Preventie- en handhavingsplan Alcohol
Handhavingsarrangement gemeente Meppel – Basisteam politie Zuidwest Drenthe (27-7-2021) + Aanhangsel aanvullende bevoegdheden boa’s verkeershandhaving (2024)
Samenwerkingsovereenkomst BOA Domein I – regio Drenthe (30-6-2020)
Samenwerking Domein 1 - boa’s gemeenten Meppel en Westerveld (juli 2023)
Nadere regels artikel 2 Verordening inzake speelautomatenhallen Verdeling schaarse vergunningen en andere criteria voor de exploitatie van een speelautomatenhal (vastgesteld 12-11-2019)
BIJLAGE 3 Risicomatrix