Op grond van de Jeugdwet wordt ondersteuning geboden aan jeugdigen totdat zij het 18e levensjaar bereiken. Hierdoor is de overgang van 17 naar 18 jaar een cruciale tijd. Om tijdig te acteren op de overgang naar volwassenheid wordt er gewerkt met een toekomstplan. Hierin worden de ‘big five’ opgenomen: support, wonen, werk en school, inkomen en schulden, en zorg en ondersteuning. Het toekomstplan kan worden opgesteld voor jeugdigen vanaf 16 jaar. In sommige gevallen is het wenselijk dat de ondersteuning van de jeugdige doorloopt na de 18e verjaardag (verlengde jeugdhulp). De Jeugdwet biedt de mogelijkheid om jeugdhulp te verlengen tot maximaal 23 jaar. In de volgende situaties is verlengde jeugdhulp mogelijk:
Jeugdigen die in een pleeggezin of gezinshuis verblijven. Als de jeugdige het wil kan het verblijf verlengd worden tot het 21e levensjaar, vervolgens is er een mogelijkheid om te verlengen tot het 23e levensjaar.
Er is sprake van Jeugdhulp in het kader van een strafrechtelijke beslissing of jeugdreclassering, dan kan het verlengd worden tot het einde van de maatregel.
Voortzetting van de hulp die een jeugdige voor de 18e verjaardag ontving is noodzakelijk en er kan geen vergelijkbare hulp op grond van een andere wet worden verleend.
Voor de noodzakelijkheid van verlengde jeugdhulp gelden onderstaande uitgangspunten:
In samenspraak met de jeugdhulpaanbieder maakt de lokale toegang de beslissing over de inzet van verlengde jeugdhulp, inclusief de duur van de verlenging.
De hulp wordt ingezet, of er wordt bepaald dat hulp wordt ingezet, vóór de 18e verjaardag. Echter, één uitzondering is mogelijk: verlengde jeugdhulp kan ingezet worden wanneer er binnen een half jaar na de beëindiging van de jeugdhulp, die ingezet is vóór de 18e verjaardag, wordt geconstateerd dat hulp toch nodig blijkt te zijn.
Verlengde jeugdhulp kan enkel toegepast worden wanneer de hulp niet onder een andere wet (Zvw, Wlz, Wmo 2015 etc.) valt. Bijvoorbeeld, hulp die voor 2015 onder de Wet op de Jeugdzorg viel, zoals pedagogische gezinsbegeleiding, opvoedondersteuning of vaardigheidstrainingen.
Indien de hulp inhoudelijk onder de Jeugdwet of Wmo 2015 valt geldt dat (individuele) begeleiding onder de Wmo 2015 valt, niet onder verlengde jeugdhulp. Uitzondering hierop is hulp zoals beschreven in het bovenstaande punt en indien de (individuele) begeleiding samenvalt met verblijf vanuit de Jeugdwet.
Voor verblijf (behalve pleegzorg en gezinshuis) geldt:
Verlengde jeugdhulp kan alleen ingezet worden wanneer er sprake is van een behandelcomponent; en
deze behandelcomponent betrekking heeft op het opgroeien en ontwikkelen van de jeugdige. De behandeling moet gericht zijn op verbetering én gestart zijn voor de 18e verjaardag.