Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Toeslagenverordening Wet werk en bijstand

1.. De basisnorm wordt verhoogd indien de belanghebbende, behorend tot de categorie alleenstaanden van 23 jaar of ouder, alleenstaanden van 21 of 22 jaar dan wel alleenstaande ouders, hogere algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan heeft dan waarin de basisnorm voorziet als gevolg van het niet of niet geheel kunnen delen van de woonkosten met een ander. 2.. In afwijking van het eerste lid wordt de basisnorm niet verhoogd indien de belanghebbende lagere algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan heeft als gevolg van de bewoning van een woning waaraan geen woonkosten zijn verbonden of van het niet aanhouden van een woning. 3.. De toeslag bedraagt voor de belanghebbende die behoort tot de categorie alleenstaanden van 23 jaar of ouder dan wel alleenstaande ouders en in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft, 20% van het netto-minimumloon. 4.. De toeslag bedraagt voor de belanghebbende die behoort tot de categorie alleenstaanden van 23 jaar en ouder of alleenstaande ouders en in wiens woning tevens een ander zijn hoofdverblijf heeft, 10% van het nettominimumloon. 5.. De toeslag bedraagt voor de belanghebbende, behorend tot de categorie alleenstaanden van 21 of 22 jaar, 5% van het nettominimumloon. 6.. Het College kan ten aanzien van de belanghebbende die geen woning aanhoudt en niet in een inrichting verblijft, de basisnorm verhogen met een toeslag van 10% van het nettominimumloon, indien aannemelijk is, dat deze gebruikmaakt van diensten van de maatschappelijke opvang. 7.. In afwijking van het vierde lid kan het College de basisnorm verhogen met een toeslag van 20% van het nettominimumloon, indien de belanghebbende voor het recht van gebruik van een deel van de woning een vergoeding moet betalen die tenminste gelijk is aan een door het College te bepalen bedrag. 8.. Het College kan in afwijking van het vierde lid ten aanzien van de belanghebbende in wiens woning een niet tot zijn last komend kind woont met een eigen inkomen dat lager is dan een door het College vast te stellen percentage van het nettominimumloon, de basisnorm verhogen met een toeslag van 20% van het nettominimumloon. 9.. Het College kan in afwijking van het vierde lid ten aanzien van de belanghebbende die behoort tot de categorie alleenstaanden van 23 jaar of ouder dan wel alleenstaande ouders en die hulpbehoevende is dan wel in wiens woning een hulpbehoevende zijn hoofdverblijf heeft, de basisnorm verhogen met een toeslag van 20% van het nettominimumloon.

Rechtspraak bij dit artikel