De landschappelijke ruimtes, kavelgroottes en indelingen verschillen per landschapstype qua grootte/oppervlakte. Deze maat en schaal zijn veelal kenmerkend voor het landschap. De oppervlakte van een zonnepark gaat een directe ruimtelijke relatie aan met deze ruimte en zal veelal op de maat en schaal van het landschap moeten worden afgestemd om de karakteristiek van het landschap niet te verstoren. Een kleinschalig zonnepark bij een kern zal qua ruimtelijke maat ook in verhouding moeten zijn met de grootte van die kern.
Kleinschalige zonneparken kunnen ook als uitbreidingen of als varianten op kleinschalige elementen worden toegevoegd. Bijvoorbeeld als uitbreiding van een erf. De erven in Koggenland zijn onderdeel van de linten. Veel van die linten zijn oud en ontstaan bij de eerste ontginningen van het landschap. Een ander deel van de linten is ontstaan als onderdeel van de herverkaveling eind 20e eeuw van het westelijke- en zuidwestelijke deel van de gemeente. Dit is het agrarische productiegebied van Koggenland. Deze gebieden zijn grootschaliger en kennen een meer orthogonale opzet. De agrarische erven zijn hier over het algemeen groter en liggen verder van elkaar. Over het algemeen kunnen zonneparken als uitbreiding van een erf worden toegevoegd met een maximale oppervlakte van 1 hectare. Voor de linten in het agrarische productiegebied wordt hierop een uitzondering uitgemaakt tot maximaal 2 hectare.
Figuur 5. De oudere linten zijn kleinschalig en zijn meer organisch ontstaan in het landschap.
Figuur 6.De herverkavelingslinten liggen in een grootschaliger, meer rechthoekig opgezet landschap met grotere erven.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.3
De grootte van een zonnepark in relatie tot de omgeving
Onderdeel van Toetsingskader zonne-energie Gemeente Koggenland 2024